Nieuwe onthullingen over spectaculaire Louvre-kraak: politie rijdt langs terwijl dieven juwelen stelen
In Frankrijk zijn nieuwe onthullingen gedaan over de spectaculaire roofoverval op het Louvre, in oktober vorig jaar. Agenten waren snel ter plekke, maar deden niets. Bewakers wilden ingrijpen, maar deden ook niets.
Op zondagochtend 19 oktober 2025 is Sofiane met de fiets op weg naar een bos aan de rand van Parijs, om een potje te voetballen met vrienden. Als hij langs het Louvre fietst, ziet hij iets geks. Er staat een hoogwerker op de stoep naast het museum. Op een zondag. En de werklui bij die hoogwerker dragen vreemd genoeg motorhelmen.
Sofiane stapt af, neemt een foto met zijn telefoon en belt de politie. Twee mannen stappen inmiddels via de hoogwerker (afgebeeld op onderstaande foto) op een balkon van het Louvre, forceren een ruit en lopen met slijptollen naar binnen.
Maar het telefoontje van Sofiane leidt gelukkig snel tot resultaat. Agenten komen met een auto aangescheurd, rijden snoeihard op een eenrichtingsweg dwars tegen het verkeer in, racen langs het Louvre, naderen de plek waar de hoogwerker staat en… rijden gewoon door.
Ik durfde niet
Op dat moment storten de mannen met de slijptollen zich in de Apollo-galerij van het Louvre op de vitrines. Bewaker Ivan staat erbij, reageert stoer en wil ingrijpen. Hij pakt een afzetpaaltje dat in de zaal staat, grijpt het vast en… bedenkt zich. “Ik durfde niet.”
Terwijl de politieauto doorrijdt en Ivan knikkende knieën heeft, gaan vier mannen er op scooters vandoor. Met als buit: kroonjuwelen ter waarde van 88 miljoen euro.
De scène wordt beschreven in een boek van drie onderzoeksjournalisten dat vandaag verschijnt. Zij reconstrueerden “de kraak van de eeuw”. Er is nu al zó veel aandacht voor, dat de filmrechten inmiddels zijn verkocht aan de beroemde regisseur Romain Gavras. Het boek, ‘Main basse sur le Louvre’ (De plundering van het Louvre), leest als een thriller en legt pijnlijk bloot waar mensen gefaald hebben en waarom de kroonjuwelen nooit meer teruggevonden zijn.
Minister, ik ga niet over de beveiliging. Ik ga over de surveillanten
Geen centrale leiding
Zo belt de minister van Cultuur een week na de roofoverval met het hoofd beveiliging van het Louvre, om opheldering te vragen. “Minister, ik ga niet over de beveiliging”, zegt de vrouw. Waarop de minister zegt: “Wie bent u dan?” Het antwoord: “Ik ga over de surveillanten.” Waarop de minister verwonderd zegt: “Wie gaat er dan over de beveiliging?” En daar ligt de sleutel, schrijven de drie journalisten: “De beveiliging van het Louvre heeft helemaal geen centrale leiding”
In het boek wordt gereconstrueerd hoe de politie de daders op het spoor kwam dankzij dna-sporen en bewakingscamera’s. Zo doken beelden op uit een parkeergarage in Aubervilliers, een banlieue ten noorden van Parijs. Eén man haalt daar de diadeem van keizerin Eugénie uit een tas, geeft die aan een tweede man, en daarna wordt het sieraad, met 1998 diamanten en 212 parels, zichtbaar op het zadel van de scooter gelegd.
Alleen kwam de politie die parkeergarage pas na zo’n twee weken op het spoor. Toen konden ook pas de beelden worden bekeken. De agenten namen ter plekke poolshoogte, maar het was te laat. Er lagen geen diademen, diamanten of parels meer. “Het was er stoffig en stonk naar urine en er stonden alleen lege dozen.”
De vier verdachten die na de roof werden opgepakt zijn allemaal kleine criminelen, maar vormen een bont gezelschap
Straatracer
De vier verdachten die na de roof werden opgepakt zijn allemaal kleine criminelen, maar vormen een bont gezelschap, blijkt uit het boek. Een van hen is op sociale media een ster als illegale straatracer. Hij werkte in het verleden ook als beveiliger in het Parijse Pompidou-museum.
Een andere verdachte lijdt aan het syndroom van Diogenes: in zijn huis lag de vloer bezaaid met meer dan 30 centimeter rommel. Een derde verdachte ging na de Louvre-roof op cursus: hij wilde nota bene een hoogwerker leren besturen. De laatste was voetbalscheidsrechter.
Zeker twee van hen hebben een bekentenis afgelegd. Maar van de kroonjuwelen is, zeven maanden na de “kraak van de eeuw”, nog niets teruggevonden.