Aantal asielaanvragen vorige maand licht gedaald
Vorige maand zijn in ons land 1.933 asielaanvragen ingediend of 12 procent minder dan in maart, toen er 2.193 aanvragen waren. Dat blijkt uit de cijfers voor april van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS). Ten opzichte van april 2010 (1.160 aanvragen) is er wel een stijging van 66,64 procent.
Afghanistan op kop
De top vijf van herkomstlanden van asielzoekers bestaat in april uit dezelfde landen als voorgaande maanden: Afghanistan (12,6 procent van de aanvragen), Guinee (8,8 procent), Irak (7,9 procent), Kosovo (7,9 procent) en Servië (5,5 procent). Van de 1.933 in april ingediende asielaanvragen zijn er 343 meervoudige aanvragen, ook hoofdzakelijk afkomstig uit die landen.
Niet-begeleide minderjarigen
In vergelijking met maart was er in april een daling van 13 procent bij de aanvragen van niet-begeleide minderjarige vreemdelingen. Zo waren er in april 171 dergelijke asielzoekers, in maart waren er dat 196. Hun aantal blijft echter hoog in vergelijking met voorgaande jaren. In april vorig jaar bleef het aantal minderjarigen bijvoorbeeld beperkt tot 32.
202 erkenningen als vluchteling
Het CGVS nam in april 1.293 beslissingen, in bijna 70 procent van de gevallen werd de vluchtelingenstatus of subsidiaire bescherming geweigerd. Bij 202 beslissingen werd de vluchtelingenstatus erkend en in 84 gevallen de subsidiaire beschermingsstatus toegekend.
In mei wil het Commissariaat-generaal 1.400 beslissingen nemen. Eind april bedroeg de totale werkvoorraad van het CGVS 12.967 dossiers. Daarvan worden er 4.500 beschouwd als normale werkvoorraad, de reële achterstand bedraagt 8.467 dossiers. (belga/eb)