ACW dagvaardt N-VA'er Dedecker wegens laster
Het ACW sleept N-VA-Kamerlid Peter Dedecker zoals verwacht voor de rechter wegens laster, na diens forse beschuldigingen van fraude en schriftvervalsing. De N-VA'er ontvangt maandag nog een dagvaarding om op 29 maart te verschijnen voor de Brusselse rechtbank van eerste aanleg, meldt advocaat van het ACW Hans Rieder. Het ACW wil een schadevergoeding wegens laster. Dedecker zelf blijft erbij dat de lasterklacht niet meer is dan "intimidatie". Of hij zich zal kunnen beroepen op zijn parlementaire onschendbaarheid of onverantwoordelijkheid, durft hij nog niet te voorspellen. "Binnen de partij is men nog een advocaat aan het aanstellen, ik wil eerst met hem overleggen", aldus Dedecker.
Nadat het ACW eerder al een lasterklacht aankondigde, raakte eerder op de dag bekend dat enkel Dedecker effectief gedagvaard wordt. Aanleiding zijn de forse beschuldigingen van fiscale fraude en schriftvervalsing aan het adres van de christelijke arbeidersbeweging. "Pure intimidatie", noemt Dedecker de klacht. "Als men effectief niets te verbergen heeft, dan zou men net alles op tafel moeten leggen en een onderzoekscommissie moeten toestaan", herhaalt hij nog.
Geflankeerd door Kamerfractieleider Jan Jambon haalde Dedecker op een persconferentie tijdens de krokusvakantie snoeihard uit naar het ACW. De N-VA'er beschuldigde de christelijke arbeidersbeweging van fiscale fraude, schriftvervalsing in de jaarrekening, belangenvermenging en misbruik van vennootschapsgoederen. Volgens topfiscalist Axel Haelterman is daar niets van aan, maar de N-VA'er bleef steeds bij zijn standpunt.
Het ACW trekt nu naar de rechtbank wegens laster en eist een schadevergoeding. De beweging had dat eerder al aangekondigd, maar voorlopig was onduidelijk tegen wie de klacht juist gericht was. Dat blijkt nu enkel Dedecker te zijn.
Jambon buiten schot
Fractieleider Jan Jambon ontspringt dus de dans. Hij organiseerde samen met Dedecker de bewuste persconferentie, maar volgens advocaat Hans Rieder bleek uit de beelden niets dat hem ten laste kan worden gelegd. De klacht beperkt zich op dit moment dus tot Dedecker, bevestigde hij aan Belga.
De parlementaire onschendbaarheid van het N-VA-Kamerlid vormt in elk geval geen probleem. Die geldt enkel voor strafrechtelijke zaken, argumenteert Rieder. "Zoals iedere Belg" kan Dedecker wel in een burgerlijke zaak gedagvaard worden. De Kamer zal zijn onschendbaarheid dus ook niet moeten opheffen.
Die analyse lijkt alvast te stroken met een publicatie van de juridische dienst van de Kamer uit 2007. Die stelt duidelijk dat de onschendbaarheid "niet van toepassing (is) in burgerlijke geschillen".
Freedom of speech
Daarnaast bestaat echter ook de parlementaire onverantwoordelijkheid, de zogenaamde 'freedom of speech'. Vraag daarbij is of Dedecker zijn uitspraken deed "in de uitoefening van zijn parlementair mandaat". In dat geval is zijn vrijheid van meningsuiting immers absoluut en geldt de bescherming ook burgerrechtelijk.
De juridische dienst van de Kamer erkent dat bij de onverantwoordelijkheid sprake is van een "grijze zone". "Niemand kan immers met absolute zekerheid voorspellen of de rechter zich beveogd zal verklaren wanneer een vordering wordt ingesteld tegen een parlementslid", luidt het.
Niettemin interpreteert de juridische dienst dat "parlementair mandaat" zeer eng. Zo geldt ze niet voor partij- of politieke activiteiten in het algemeen. Bovendien is van de bescherming ook geen sprake meer wanneer het parlementslid "bijvoorbeeld tijdens een interview of een persconferentie herhaalt wat hij in een parlementaire vergadering heeft gezegd". Politieke onverantwoordelijkheid is immers niet hetzelfde als parlementaire onverantwoordelijkheid, luidt het nog.
ACW-advocaat Rieder is alvast zeker van zijn stuk. "Meneer Dedecker mag doen wat hij wil", verduidelijkte hij in 'Vandaag' op de VRT-radio. "Maar wat hij niet mag is een show organiseren waarbij hij de feiten voorstelt alsof ze bewezen zijn, zodat het publiek de verkeerde indruk krijgt dat een Kamerlid over niet-betwistbare feiten beschikt die iemand ten laste kunnen worden gelegd. Hij weet dat, of zou dat als Kamerlid minstens moeten weten."
Op 29 maart wordt Dedecker bij de Brusselse rechtbank van eerste aanleg verwacht. Samen met de verdediging zal dan vermoedelijk een conclusieagenda worden afgesproken, aldus nog Rieder.