Argentijnse slachtpaarden voor consumptie zwaar mishandeld
Argentijnse slachtpaarden die op het bord van de Belgische consument terechtkomen, worden zwaar mishandeld. Dat blijkt uit beelden die onderzoekers van dierenorganisatie Gaia eind vorig jaar maakten in het land. België importeert jaarlijks 33.000 ton paardenvlees, waarvan 7.000 uit Argentinië.
De organisatie bracht vandaag beelden aan het licht van zowel voor, tijdens als na het transport naar de slachthuizen. Ze tonen magere, zwaar verwaarloosde paarden met etterende wonden, paarden met gebroken benen en gevallen paarden die door honden gebeten worden. De dieren kregen ook stroomstoten toegediend en werden gebrandmerkt, een in ons land verboden praktijk.
De organisatie stelt eveneens problemen rond handel in gestolen paarden en het traceersysteem aan de kaak. Ook verbiedt de Europese Unie het gebruik van medicatie tijdens de laatste zes maanden voor de slacht. In Argentinië volstaat echter een eenvoudige verklaring op eer.
De Argentijnse slachthuizen Lamar, Entre Rios, Indio Pampa en Raul Aimar zijn leveranciers van de Belgische vleesbedrijven Equinox, Chevideco en Velga. Die leveren op hun beurt aan Carrefour, Renmans, Intermarché, Champion, Delhaize en Match.
De directie van warenhuisketen Lidl liet Gaia inmiddels weten te stoppen met de verkoop van paardenvlees zonder voldoende garanties. Colruyt besliste vorig jaar al om geen paardenvlees uit Latijns-Amerika meer te verkopen. De organisatie vraagt aan de andere Belgische supermarkten om dezelfde beslissing te nemen.
Vorig jaar klaagde Gaia al gelijkaardige praktijken aan bij paarden in Brazilië en Mexico. Na verontwaardigde reacties van het publiek haalden de supermarkten het vlees uit die landen uit de rekken. (belga/adha)