"BBI-directeur Anthonissen is een machtswellusteling"
"Ik ben blij dat de zaak van de baan is en dat er een einde komt aan de vaudeville opgezet door meneer Anthonissen". Dat zegt Europees commissaris van Handel Karel De Gucht in een reactie op de beslissing van het Gentse hof van beroep, dat oordeelde dat de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) niet het recht had om de bankrekeningen van het echtpaar in te kijken. Bij 'Vandaag' op Radio 1 noemde hij gewestelijk BBI-directeur Karel Anthonissen zelfs een 'machtswellusteling'.
Het hof van beroep vernietigde de machtiging tot bankonderzoek en legde de fiscus het "verbod op om (de gegevens) aan te wenden voor taxatiedoeleinden of onderzoeksdoeleinden". Dat betekent normaal gezien dat de fiscus de betwiste aandelentransactie die ontdekt werd, niet kan aanwenden in de belastingzaak die in 2015 gepleit zou worden.
De Belgische staat kan wel nog in cassatieberoep gaan tegen het arrest van het Gentse hof van beroep. "Theoretisch kan men altijd in cassatie gaan, maar eerlijk gezegd is er geen enkele grond tot cassatie", zegt De Gucht. "De zaak heeft lang genoeg geduurd. Ik ben blij dat de zaak van de baan is en dat er een einde komt aan de vaudeville opgezet door meneer Anthonissen."
"Partijdig en gevaarlijk"
Volgens het hof van beroep was "partijdigheid niet aanwezig in het dossier" in hoofde van Anthonissen, maar De Gucht betwist dat. "Ik vind dat die man partijdig is en zijn eigen administratie vindt dat ook. Hij heeft opdracht gekregen van zijn administratie om zich niet meer met de zaak bezig te houden, juist wegens aanwijzingen van partijdigheid."
Daarom noemde hij Anthonissen, op Radio 1-programma 'Vandaag', 'gevaarlijk'. "Een gewestelijk directeur van de BBI is een machtig iemand. En mijnheer Anthonissen kan niet met macht omgaan. Hij is een machtswellusteling. Ik vind dat een gevaar voor de maatschappij. Ik heb daar nu al drie jaar mee te maken op de meest onvoorstelbare manier. Iedereen kan daarmee te maken krijgen. Ik kan mij voorstellen dat je daar radeloos van wordt."
Gevraagd of hij verdere stappen onderneemt tegen Anthonissen, zegt De Gucht: "Ik zal er eens over nadenken onder de kerstboom." De zaak zelf wil De Gucht achter zich laten. "Ik vind dat ik ook het recht heb om met rust gelaten te worden. Telkens als er een stap gezet werd in dit dossier werd ik door het slijk gehaald. Ik zie niet goed in waarom ik nog drie, vier jaar of meer zou moeten procederen als nu duidelijk is dat dit een procedure is die nergens op lijkt."
Geen aanwijzingen
"De rechtbank zou mij trouwens ook ten gronde gelijk gegeven hebben", zegt De Gucht. "Men mag enkel een bankonderzoek doen als er aanwijzingen van fraude zijn, en er waren geen aanwijzingen van fraude, punt gedaan. Dat was geen procedurekwestie maar gewoon een onrechtmatige onderzoeksdaad. Het is dus geen technische fout maar een onderzoeksdaad die niet mocht gesteld worden omdat er geen reden voor was."