"Brandweer heeft dringend meer geld nodig"
De drie Belgische brandweerfederaties Fédération Royale de Corps de Sapeurs-Pompiers de Belgique (FRCSPB), Brandweer Vereniging Vlaanderen (BVV) en Vereniging der Beroepsbrandweerofficieren van België (Beprobel) trekken aan de alarmbel in verband met de financiering van de brandweerkorpsen. "Om een minimale veiligheid te verzekeren aan de burgers en aan het personeel, heeft de brandweer dringend meer middelen nodig", zegt Marc Gilbert, voorzitter van FRCSPB. De verenigingen pleiten dan ook voor extra financiering via de verzekeringsmaatschappijen.
De federale regering wil in 2014 de hervorming van de civiele veiligheid, het gevolg van de wet van 15 mei 2007, volledig afronden. Deze hervorming kan enkel doorgevoerd worden als er ook extra middelen komen. "In het regeerakkoord staat dat middelen gezocht zouden worden, maar sommige partijen zijn het daar blijkbaar niet mee eens", klinkt het bij de verenigingen. "Aangezien het einde van de begrotingsgesprekken in zicht is, vragen we vandaag nogmaals om de brandweer niet te vergeten."
Naast meer middelen om de veiligheid van de burgers en de brandweerlui te verzekeren, moet de hervorming voor de brandweer leiden tot de harmonisering van de statuten van professionele en vrijwillige brandweerlieden, voorzien in praktische en aangepaste opleidingen en de organisatie van psychologische bijstand van het personeel.
Verzekeringsmaatschappijen
Om een minimale dienstverlening te verzekeren, heeft de brandweer 75 miljoen euro nodig. "Eigenlijk hebben we 200 miljoen nodig, maar met 75 miljoen kunnen we al verder", zegt Gilbert. "In het regeerakkoord staat dat extra middelen gezocht kunnen worden bij andere partijen, zoals de verzekeringsmaatschappijen. Die 75 miljoen kan al verkregen worden wanneer bepaalde verzekeringscontracten met 1 procent worden verhoogd. Per jaar zouden de maatschappijen per familie 12 euro extra moeten betalen."
De financiële situatie van de brandweerkorpsen is vandaag allesbehalve rooskleurig, klinkt het. De korpsen zijn afhankelijk van de gemeenten, die zelf vaak in financiële moeilijkheden verkeren, waardoor ze het vaak moeten doen met te weinig brandweermannen en slecht materiaal. "In bepaalde regio's heeft de brandweer soms meer dan een halfuur nodig om ter plaatse te geraken, terwijl we weten dat we in veel gevallen na de eerste tien minuten al niets meer kunnen doen", legt Gilbert uit.
Snelle dienstverlening
Vaak trekken twee of drie brandweerlieden naar een interventie, terwijl in een koninklijk besluit staat dat er tien nodig zijn voor een snelle minimale dienstverlening. Deze situatie is vooral nijpend in Wallonië, aangezien de bevolkingsdichtheid daar lager is en er dus minder belastingbetalers zijn, maar ook minder kandidaat-brandweermannen.
Gilbert wijst er nog op dat België (met 0,37 professionele brandweerlieden per duizend inwoners en 1,1 vrijwillige lieden) in tegenstelling tot andere Europese landen heel weinig brandweermannen heeft. Ter vergelijking: in Tsjechië zijn er 0,6 en 7,6 per 1.000 inwoners, in Frankrijk 0,8 en 3,3. Ook de gemiddelde kost per inwoner voor de brandweerdiensten ligt laag: 44 euro in België tegenover bijvoorbeeld 84 euro in Duitsland en 79 euro in Frankrijk.