"Dichten loonkloof is voorwaarde voor regeringsdeelname CD&V"
CD&V stapt niet in een volgende regering zonder garanties over het dichten van de loonkosthandicap met onze buurlanden. Dat heeft minister-president Kris Peeters gezegd in VTM NIEUWS. "Dat is essentieel om absoluut de werkgelegenheid in onze kleine en middelgrote ondernemingen te behouden", onderstreepte hij.
Het vernieuwingscongres van CD&V besloot dit weekend dat de loonkloof voor de christendemocraten "uiterlijk tegen 2018, maar sneller indien mogelijk" moet worden weggewerkt.
Een groep CD&V-leden wilde daar 2016 van maken, maar financieminister Koen Geens waarschuwde dat de kloof - "5,1 procent in de meest optimistische schattingen" - niet zomaar weggewerkt is.
Breekpunt
Toch is het wel degelijk een breekpunt voor CD&V, aldus Peeters. "We zeggen: we stappen niet in een regering als niet in het regeerakkoord is opgenomen dat de loonkloof gedicht moet worden", klonk het. Al hoopt de minister-president ook in het overlegcomité van eind november al duidelijke stappen te zetten.
Indexafschaffing niet voldoende
Hoe de loonkosthandicap concreet moet worden weggewerkt, zal afhangen van verder debat en onderhandelingen met de andere partijen, zei Peeters nog. Het afschaffen van de automatische index zou volgens hem alvast geen essentiële elementen wijzigen aan de loonkloof.
Woonbonus
Peeters kwam tot slot even terug op het voorstel om de woonbonus na de regionalisatie in 2015 te herbekijken. De Vlaamse Confederatie Bouw waarschuwde dat renovatie alleen te weinig zal zijn om iedereen een huis te geven. CD&V wil echter vooral de focus verleggen, verduidelijkte Peeters nog. "Naar de toekomst toe: woonbonus ook voor nieuwbouw, maar we willen een extra accent leggen op restauratie, renovatie om ook jonge gezinnen de mogelijkheid te geven in de steden te wonen."
"Minstens 20 procent halen"
Na het vernieuwingscongres van zijn partij dit weekend, durft Peeters trouwens alweer wat dromen. "We willen minstens twintig procent halen bij de verkiezingen volgend jaar", herhaalde hij het doel dat voorzitter Wouter Beke eerder al vooropstelde. "Maar laat ons hopen dat we bij die minstens twintig procent nog heel wat procenten kunnen bijdoen. Al moeten we natuurlijk met de voeten op de grond blijven."