Er wordt meer gestroopt dan vorig jaar
Het Agentschap Natuur en Bos heeft in 2014 265 pv's opgemaakt wegens stroperij in de jacht, visserij of beschermde vogelsoorten. Dat zijn er meer dan in 2013, maar minder dan in 2012, toen respectievelijk 210 en 316 overtredingen werden vastgesteld. Dat blijkt uit het antwoord van Vlaams minister Joke Schauvliege op een schriftelijke vraag van Guy D'Haeseleer (VB).
De meeste pv's in 2014 werden opgemaakt met betrekking tot visserij (157), gevolgd door jacht (48) en beschermde vogels (60). Het aantal pv's steeg vorig jaar vooral in de visserij (van 100 tot 157). Ook voor de jacht (van 44 tot 48) was er een stijging, terwijl het aantal pv's voor vogels afnam van 66 tot 60.
"Gevoelige plaatsen voor visserijovertredingen zijn de Schelde, Nete, Dender, bepaalde Scheldemeanders, de Maas inclusief grindplassen, het Albertkanaal, Zuid-Willemsvaart en het Schulensmeer. Wat jacht- en vogelvangstovertredingen betreft valt er geen duidelijk patroon af te lijnen", aldus de minister.
De meest voorkomende diersoorten die het slachtoffer worden van stroperij zijn zangvogels zoals vink, putter, sijs, barmsijs, kneu, groenling, goudvink, kruisbek, Europese kanarie, staartmees, appelvin, geelgors, maar ook buizerd, sperwer, havik en patrijs. In tweede orde zijn ook andere diersoorten betrokken, zoals haas, vos, ree, steenmarter, das, bever, paling, snoek en snoekbaars.
Een doorgedreven aanwezigheid van natuurinspecteurs op het terrein en een streng sanctioneringsbeleid doen volgens de minister het aantal stroperijactiviteiten afnemen. Dit is volgens haar de verklaring voor de zeer duidelijke daling van het aantal vaststelllingen voor vogelvangst sinds 2012.