Geen extra Belgen naar Afghanistan, wel verschuivingen
Premier Yves Leterme heeft een verhoging van de militaire inspanningen boven de 626 eenheden, zoals in april door de regering overeengekomen, uitgesloten. Maar verschuivingen in het contingent, onder meer voor het leveren van bijkomende instructeurs aan de Navo-troepenmacht, zijn wel mogelijk. Dat heeft de ontslagnemende regeringsleider verklaard.
Er kan geen sprake zijn een verhoogde bijdrage van België in een periode waarin de regering enkel de lopende zaken kan behartigen, zei Leterme na zijn ontmoeting in Brussel met de bevelhebber van de internationale vredesmacht in Afghanistan, de Amerikaanse generaal David Petraeus.
De regering besliste in april om de bijdrage van België aan de internationale vredesmacht ISAF tot eind 2011 te plafonneren tot een theoretisch maximum van 626 mensen. Dat cijfer kan door de ontslagnemende regering niet worden aangepast, aldus Leterme, die niet uitsloot dat er een verschuiving kan komen naar meer instructeurs voor de steden Kaboel en Kandahar in het zuiden van het land.
België had 50 extra instructeurs moeten leveren
Petraeus had de Navo-bondgenoten in totaal 2.000 bijkomende mensen voor opleiding en vorming gevraagd voor omkadering van de Afghaanse veiligheidsdiensten, zowel leger als politie. Ons land zou 50 bijkomende instructeurs moeten leveren, erkende de premier impliciet.
De verschuivingen binnen het contingent van de Belgische bijdrage aan ISAF zouden volgens de premier de overgang kunnen vergemakkelijken van de internationale naar de Afghaanse vredesmacht. De westerse landen willen het leger en de politie van Afghanistan versterken zodat ze de 150.000 buitenlandse militairen geleidelijk kunnen beginnen terug te trekken vanaf juli 2011. (belga/mvdb)