Hoofdinspecteur politie beschuldigd van geweld en racisme
Het Brusselse parket heeft vandaag een gevangenisstraf met uitstel of een werkstraf gevorderd tegen een 46-jarige hoofdinspecteur van de lokale politie Brussel Zuid (Anderlecht/Sint-Gillis/Vorst). De man zou zich tweemaal schuldig gemaakt hebben aan racistisch geweld, eenmaal tegenover een ondergeschikte en eenmaal tegenover een arrestant. De hoofdinspecteur zelf ontkent alles met klem.
Een eerste incident zou zich in september 2009 afgespeeld hebben op het commissariaat in Kuregem toen inspecteur Mohamed A. een paar om onduidelijke redenen had laten oppakken. Omdat de inspecteur draalde met zijn interventieverslag, zou hoofdinspecteur M.C. zelf geprobeerd hebben het verslag af te printen. Toen A. hem dat tot tweemaal toe belette, zou de hoofdinspecteur zijn ondergeschikte in het gezicht geslagen hebben en bij de keel gegrepen hebben. Later zou C. tegenover een collega gezegd hebben dat hij door het lint was gegaan omdat A. een "bougnoule" was, een scheldwoord voor vreemdeling.
Racistische uitlatingen
Hoofdinspecteur C. moet zich ook verantwoorden voor een incident dat zich een maand eerder zou hebben afgespeeld. Bij de arrestatie van een man die een verboden betoging tegen Israël hield, zou hij die betoger tweemaal opzettelijk tegen een deurlijst geduwd hebben en een hele hoop racistische verwijten naar het hoofd geslingerd hebben.
Verschillende collega's van C. verklaarden eerst dat er van de beschuldigingen niets klopte, maar midden 2010 wijzigde één van hen zijn verklaring en zei dat alle verwijten terecht waren. Volgens de advocaat van C., meester Filipovic, is die politieman ongeloofwaardig. "De man is zelf in opspraak gekomen wegens zijn drankgebruik", zei de advocaat. "Verder zijn er geen bewijzen van het geweld of van de racistische uitlatingen. Naar aanleiding van het vermeende incident met de betoger is er een tuchtonderzoek geweest en zijn de beelden van de bewakingscamera's in het commissariaat bekeken. Dat heeft niets opgeleverd. Inspecteur A., het vermeende slachtoffer van het andere incident, is bovendien ook niet onbesproken."
De rechtbank doet uitspraak op 22 april.