Jambon: "Haatspuiers op sociale media zullen aangepakt worden"
Wie naar aanleiding van de dood van een Turkse Belg bij de aanslag in Istanboel haatberichten postte op sociale media, zal daarvoor gestraft worden. Dat zegt minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon aan de VTM-nieuwsredactie.
Volgens de minister heeft de federale politie sinds vorig jaar een speciale dienst, die specifiek dergelijke berichten screent. "Die gaat achter alle indicaties aan, en het is duidelijk dat er hier ook indicaties zijn", aldus Jambon.
De zogenaamde Internet Referral Unit (IRU) speurt sinds begin vorig jaar actief naar haatberichten op internet. Volgens Jambon heeft de dienst al resultaat geboekt. "Bijna 400 Facebook- en Twitter-accounts met haatboodschappen, oproepen tot gewelddadig extremisme en berichten over pedofilie zijn al offline gehaald", klinkt het. De dienst onderschept daarnaast ook berichten over bijvoorbeeld pedofilie.
De dienst wordt de komende weken nog verder versterkt. Volgens de minister zijn er vijftien vacatures. "We moeten patrouilleren in de reële wereld, maar ook in de virtuele wereld", zegt hij.
"Arme mensen"
De vader van het Belgische slachtoffer, Houthalenaar Ali Akyil, reageerde eerder vandaag aan de VRT-nieuwsdienst op de vele racistische boodschappen. "Mijn zoon en ik zijn een stuk van dit land, daarom laat ik hem hier begraven. Die racisten zijn arme mensen, ze beseffen niet wat ze doen", klonk het.
Ali Akyil vraagt enkel om een beetje begrip. Gisteravond kwamen in Houhalen-Oost zo'n driehonderd mensen samen voor een stille wake. Kerim was volgens de aanwezigen een schat van een jongen. Hij wordt morgen begraven in Houthalen.
Bij de schietpartij in nachtclub Reina kwamen 39 mensen om het leven, onder wie 25 buitenlanders. De aanslag is opgeëist door terreurorganisatie Islamitische Staat.
"Geen plaats voor haat op Facebook"
Een woordvoerster van Facebook heeft intussen laten weten dat er geen plaats is voor haat op het sociale netwerk. In de strijd tegen haat op Facebook en het bevorderen van zogenaamde 'counter speech' werkt het bedrijf nauw samen met experts zoals Unia, reageert de woordvoerster.
"Ons doel is een veilige online community te creëren, zodat mensen zich vrij kunnen uiten. We hebben een set van richtlijnen - zeg maar spelregels - die zijn ontworpen om mensen te stimuleren om op verantwoorde wijze zaken te delen op Facebook. Die stellen duidelijk dat we geen inhoud tolereren die geweld of haat uitdraagt op basis van bijvoorbeeld nationaliteit, etniciteit en religie", klinkt het bij Facebook.
"Als iemand haatdragende uitspraken op Facebook rapporteert, dan bekijken we die melding en verwijderen we de content als die inderdaad onze communityrichtlijnen schendt. Onder haatdragende uitspraken valt content waarin mensen direct worden aangevallen op basis van bijvoorbeeld hun ras, etniciteit, nationaliteit of geloof. Als content aan ons wordt gerapporteerd, onderzoeken we of die in strijd is met onze richtlijnen en wanneer dit zo is, halen we die offline."
Vorig jaar opende Unia meer dan 365 dossiers over haat op het internet, of 10 procent meer dan een jaar eerder. Het centrum roept Facebook op om sneller haatdragende teksten te verwijderen.
'Ons doel is een veilige online community te creëren, zodat mensen zich vrij kunnen uiten'