Leuven voert vergunningen in voor nachtwinkels
Om paal en perk te stellen aan de wildgroei van nachtwinkels en de overlast die hiermee gepaard gaat voert Leuven een vestigings- en uitbatingsvergunning in voor deze handelszaken. Dat hebben burgemeester Louis Tobback en schepen Els Van Hoof aangekondigd. Tobback betreurde hierbij dat er nog geen werk gemaakt is van een federale vestigingswet voor nachtwinkels.
Leuven telt 28 nachtwinkels, één per 3.200 inwoners. Uit politiestatistieken blijkt dat heel wat nachtelijke overlast zich situeert in de omgeving van de winkels. Leuven voerde reeds beperkingen in, zoals een nachtelijk verbod van alcoholverkoop tijdens de zomermaanden, een openingstaks van 6.000 euro en een jaarlijkse taks van 1.500 euro, evenals beperkingen inzake bestemmingswijziging, maar wil naar analogie met Antwerpen en Mechelen nog een stap verder gaan.
Er wordt vooreerst een vestigingsvergunning ingevoerd voor nieuwe nachtwinkels. Die zullen zich enkel nog kunnen vestigen in de kern en de aanloopstraten van de binnenstad en in centrumstraten in deelgemeenten. Binnen een straal van 200 meter van een nachtwinkel mag zich geen nieuwe vestigen. De vergunning vervalt bij een sluiting langer dan zes maanden en wijziging van uitbater. Door de afstandsregeling zullen op termijn een derde van de nachtwinkels uit de binnenstad verdwijnen.
Daarnaast moeten nieuwe winkels ook een uitbatingsvergunning bekomen. In het kader hiervan zal een financieel, stedenbouwkundig, moraliteits- en hygiënisch onderzoek worden uitgevoerd en worden nagegaan of de uitbater zich houdt aan de vestigingsformaliteiten als ondernemer. Deze vergunning moet om de drie jaar opnieuw worden aangevraagd. Bestaande winkels krijgen drie jaar tijd om zich aan te passen.