Parket communiceert maandag over verdachte Syrië-ronselaars
In de onderzoeken naar het ronselen van Syrië-strijders is vandaag een dertiende verdachte aangehouden, meldt het federaal parket. Het gaat om een van de twee personen die vanochtend gearresteerd werden bij de vijf huiszoekingen die de federale gerechtelijke politie uitvoerde. De tweede persoon die opgepakt werd, is door de onderzoeksrechter vrijgelaten onder voorwaarden. Twaalf personen die in dezelfde onderzoeken maandag en dinsdag al werden aangehouden, zijn voor de raadkamer verschenen. Die stelde de dossiers uit naar 17 maart.
De voorbije dagen liet het federaal parket al 50 huiszoekingen uitvoeren in Sint-Jans-Molenbeek en elders in het Brusselse maar ook in Vilvoorde, Dinant en Charleroi. Daarbij pakten de speurders van de federale gerechtelijke politie 51 personen op. Twaalf van hen werden door onderzoeksrechters Bruyneel en Panou aangehouden en nog eens tien anderen werden in verdenking gesteld maar vrijgelaten onder voorwaarden, terwijl de Brusselse jeugdrechter twee minderjarigen plaatste in een gesloten instelling.
Volgens het federaal parket zouden de verdachten tussen 2012 en begin 2014 jongeren gerekruteerd hebben om te gaan strijden in de Syrische burgeroorlog of jongeren die naar Syrië vertrokken, hulp geboden hebben. Veel meer wil het federaal parket voorlopig niet kwijt over het onderzoek.
Pas maandag zou er officieel over de verschillende dossiers gecommuniceerd worden maar van verschillende advocaten vernam Belga dat de twee Brusselse broers Othman en Mohamed A., die maandag werden aangehouden, de spilfiguren zouden zijn van een van de drie dossiers. De twee zouden onder meer jongeren die naar Syrië wilden vertrekken met de wagen naar Düsseldorf gebracht hebben, waar ze het vliegtuig konden nemen naar Turkije. De twee zouden ook logistieke en financiële steun geleverd hebben.
Ook hun schoonbroer Elias K., die een islamitische boekhandel uitbaat, zou een belangrijke rol gespeeld hebben door jongeren tijdens weekends aan de Belgische kust fysieke training te geven. Die man werd ook opgepakt in het dossier maar vrijgelaten onder voorwaarden.
De advocaten van de verschillende verdachten betwisten met klem dat hun cliënten zouden deel uitmaken van een terreurorganisatie. "Het is niet omdat iemand geld stuurt naar zijn broer die in Syrië zit, dat hij het terrorisme financiert", zegt meester Sébastien Courtoy. "Dit is heus geen professionele en gestructureerde organisatie, het gaat om groepjes mensen van wie er één of een paar naar Syrië vertrokken zijn. Alleen worden de achterblijvers dan meteen als spilfiguren beschouwd."
Zo is een van de aangehouden personen in het dossier een jongeman die via Skype contact heeft gehad met leeftijdsgenoten die in Syrië zijn. De jongeman heeft bij zijn aanhouding onmiddellijk zijn computer en informaticamateriaal ter beschikking gesteld van de speurders en volledige verklaringen afgelegd.
De meerderheid van de aangehouden personen is van zeer jonge leeftijd, zo melden de verschillende advocaten ook. Het gaat om jongeren die nauwelijks meerderjarig zijn of net begin de twintig. Een van hen is net 19 jaar oud, een andere is tweedejaarsstudent aan de Université Libre de Bruxelles. "Mijn cliënt is net 23 jaar oud", zegt meester Nathalie Gallant. "Hij geeft toe dat hij naar Syrië is vertrokken maar hij heeft het daar amper 48 uur uitgehouden. Toen hij de realiteit op het terrein zag, besefte hij dat het niets voor hem was en is hij teruggekeerd."