Psychiaters proces Kitty schetsen niet al te positief beeld van beschuldigden
De psychiaters die Nourredine Cheikni, Galip Kurum en Hassan Iasir hebben onderzocht tijdens het gerechtelijk onderzoek naar de roofmoord op agente Kitty Van Nieuwenhuysen, schetsen niet zo'n fraai beeld van de drie beschuldigden. Vandaag stelde ze hun eindrapport voor op het proces.
Nourredine Cheikni lijdt aan een excessief narcisme, heeft paranoïde trekken en lijkt weinig belang te hechten aan zijn medemensen, Galip Kurum vertoont sterke psychopate trekken en een zwak moreel besef en bij Hassan Iasir is een antisociale persoonlijkheidsstoornis op te merken.
Paranoïde trekken
Nourredine Cheikni was tijdens het gesprek met de psychiaters sterk op zijn hoede en leek zijn antwoorden zorgvuldig uit te kiezen. "Dat en het feit dat hij al zijn antwoorden sterk rationaliseerde, wijst op paranoïde trekken", zei psychiater Poelman. "Zijn poging om de controle te behouden, is ook gebaseerd op zijn geloof in zijn superieure intelligentie, wat dan weer een excessief narcisme blootlegt. Zijn affectief leven is dan ook vooral op zichzelf gericht en hij hecht weinig belang aan zijn medemens."
Slachtofferrol
Galip Kurum zag zichzelf vooral als een slachtoffer, van zijn gerechtelijk verleden en van een dwaling van de speurders. "Het is echter opvallend dat hij van eerdere misstappen en veroordelingen weinig lijkt geleerd te hebben", verklaarde psychiater Charles. "Dat wijst enerzijds op een zwak moreel besef maar ook op een psychopate persoonlijkheid." De psychiaters omschrijven Kurum niet als een psychopaat maar als iemand met psychopate trekken. "Die worden nog versterkt doordat hij niet bijster intelligent is en door zijn borderline-persoonlijkheidsstructuur", klonk het.
Antisociaal persoonlijkheidsprobleem
Bij Hassan Iasir viel het de psychiaters op hoe de man steeds de controle behield over het gesprek en zeer weinig blootgaf van zijn intern emotioneel leven. "Het is een man met een beperkte frustratietolerantie maar die zich desondanks weet te controleren en zijn daden weet te plannen", verklaarden ze. "Sociale barrières lijken weinig voor hem te betekenen en hij toont weinig aandacht voor zijn medemens. We komen tot het besluit dat hij een antisociale persoonlijkheidsprobleem vertoont." (belga/tma)