Regering Di Rupo I gaat officieel in "lopende zaken"
De regering-Di Rupo heeft er haar laatste ministerraad opzitten. Het voelde een beetje aan als een soort van laatste schooldag, want de premier bedankte zijn collega's met een cadeautje. Di Rupo zegt dat hij heel trots is op het werk van zijn ploeg. "Op tweeënhalf jaar hebben we er het maximum uit gehaald", zegt hij.
Vandaag stond de laatste vergadering van het kernkabinet en de ministerraad "met volheid van bevoegdheden" van deze legislatuur op de agenda. Nadien gaat traditioneel de regering in lopende zaken en is het haar taak "op de winkel te passen". Al is dat begrip rekbaar, zo leerde de ervaring van de vorige regeringsvorming, die 541 dagen heeft aangesleept.
Aan Vlaamse zijde is iedereen het er over eens dat zoiets niet voor herhaling vatbaar is. Johan Vande Lanotte wees erop dat ons land de crisis is doorgekomen zonder de sociale welvaart af te bouwen, maar dat er offers zijn gevraagd. "Het zou vreselijk, onverantwoord en zelfs crimineel zijn mochten we dat opnieuw laten verloren gaan", zei de sp.a-vicepremier. Zijn Open Vld-collega Alexander De Croo benadrukte ook dat ons land zich niet opnieuw zo'n tijdverlies kan permitteren, terwijl Pieter De Crem (CD&V) erop wees dat er geen tweederdemeerderheid nodig is, wegens geen staatshervorming. "Eén hypotheek is alvast gelicht", zei hij.
Realisaties
De drie vicepremiers zijn ook best wel fier op wat deze regering heeft gerealiseerd. Ze citeerden daarbij de staatshervorming, de sanering van de begroting en de aanpak van de asielcrisis en benadrukten dat de regering maar goed 2,5 jaar tijd heeft gehad. "Ik denk dat we in heel moeilijke omstandigheden toch een heel samenhangend verhaal hebben gebracht", vindt Vande Lanotte. Wat de volgende vijf jaar betreft, merkte De Croo op dat "de tanker is gekeerd. Nu moeten we er voor zorgen dat hij recht vooruit gaat". "We gaan naar de verkiezingen met de handen vrij", stelde De Crem. "In politiek is alles mogelijk en niets uitgesloten".
Aan Franstalige zijde ging het er wat minder sereen aan toe. MR-vicepremier Reynders liet noteren dat cdH-staatssecretaris Wathelet niet de juiste routes heeft gekozen voor de vluchten boven Brussel, een dossier dat de laatste weken opnieuw de kop opsteekt. In afwachting van de oprichting van een controleorgaan voor de vliegtuighinder, "kunnen we al twee dingen doen", aldus Reynders. "Het is mogelijk de fouten uit het plan-Wathelet aan te passen, ofwel via de ministerraad, ofwel via Wathelet zelf".
Reynders liet noteren dat er nog andere routes bestaan, zoals die via de ring. Die zou de gezondheid van de Brusselaars en de inwoners van de oostrand ten goede komen. "Een fout van een staatssecretaris kan door een staatssecretaris worden rechtgezet", aldus nog de MR-vicepremier, volgens wie de vluchten boven Brussel een "individuele beslissing" van Wathelet zijn.
Vliegtuiglawaai
Wathelet kon die uitspraken maar matig appreciëren. Hij herinnerde eraan dat de nieuwe routes het gevolg zijn van de akkoorden van 2008 en 2010, waarbij de MR betrokken was. "Welke fout heeft hij dan gemaakt, want hij heeft hetzelfde akkoord goedgekeurd? ", kaatste de staatssecretaris de bal terug. "Hij probeert een maand voor de verkiezingen een ander standpunt in te nemen, terwijl hij zich tot nu toe nooit zorgen heeft gemaakt. Dat is een beetje vermoeiend". Vicepremier Joëlle Milquet viel haar staatssecretaris bij. "Ik weet dat we in kiesperiode zitten, maar bij het akkoord van de regering Leterme waren de MR, het FDF, de PS en het cdH betrokken", zei Milquet.
Het kernkabinet zette vrijdag alvast het licht op groen voor een wetsontwerp met het oog op de oprichting van een orgaan dat de hinder moet controleren. Bedoeling is dat de bevoegde administratie de nodige voorbereidingen treft, zodat het nieuwe parlement de tekst snel kan goedkeuren.
Na de verkiezingen komt de plenaire Kamer op 19 juni voor het eerst opnieuw bijeen voor haar installatievergadering. In de hervormde Senaat staat die bijeenkomst op 3 juli geprogrammeerd.