Senaat schrapt amper één vaste commissie
Na de zesde staatshervorming kan de Senaat nog altijd vijf vaste commissies tellen, tegen zes vandaag. Zo blijkt uit het voorstel van nieuwe reglement dat de institutionele meerderheid heeft opgesteld en dat na de volgende verkiezingen in werking treedt. De besparing lijkt beperkt te blijven.
Door de staatshervorming wordt de rechtstreekse verkiezing van senatoren afgeschaft en wordt de Senaat een niet-permanent orgaan met deelstaatsenatoren en gecoöpteerde senatoren dat jaarlijks nog achtmaal plenair vergadert en heel wat bevoegdheden verliest.
Het bureau wordt beperkt tot een voorzitter, twee ondervoorzitters en twee leden - de quaestuur verdwijnt - en fractievoorzitters die vertegenwoordigd zijn in de vaste commissies. Het reglement, dat nog groen licht moet krijgen van het bureau van de Senaat, geeft een beeld van wat er overblijft van de huidige Senaat. Het nieuwe reglement laat alvast veel ruimte over voor de nieuwe senatoren. Zo wordt het aantal vaste commissies van zes op vijf teruggebracht. Die commissies kunnen nog steeds werkgroepen oprichten.
Comité I
Mondelinge vragen, vragen om uitleg, actualiteitsdebatten, onderzoekscommissies en de begeleidingscommissie van het comité I behoren tot het verleden, maar de senatoren krijgen wel een nieuw instrument, de informatieverslagen. Het reglement bepaalt voorts dat evocatie voortaan enkel mogelijk is indien de helft van de senatoren dit vraagt.
Uit de beschikbare teksten kan worden afgeleid dat de besparing van de hervorming van het tweekamerstelsel eerder beperkt blijft. De vergoedingen voor de rechtstreeks verkozen senatoren vallen weg, die van de tien gecoöpteerde senatoren teruggebracht tot de helft van een normale parlementaire vergoeding gezien het beperkt aantal plenaire zittingen. De deelstaatsenatoren worden voortaan door de deelstaten zelf vergoed. Maar de Senaat blijft instaan voor de werkingskosten van de fracties en dient bij te dragen voor bijvoorbeeld de bibliotheek van het parlement.
Serviceclub
De Senaat zal na de volgende verkiezingen toch nog een flink uit de kluiten gewassen instelling blijven. Dat is de conclusie van N-VA op basis van het nieuwe reglement dat de meerderheid en de groenen hebben opgesteld. "Eerst zou de Senaat afgeschaft worden. Nu spreekt men al van een hervorming. Maar wie het voorstel van de meerderheid en groenen leest, kan enkel minimale wijzigingen vaststellen", vindt fractieleider Huub Broers.
"Wat gaan die vijf commissies doen als er geen wetgevend werk meer is en de regering niet meer gecontroleerd wordt? Waarom moet er nog een bureau zijn met een voorzitter, twee ondervoorzitters en twee andere leden? Waarom zijn er nog buitenlandse reizen nodig? Ik voel me als burger bedrogen. Van een bijna-afschaffing is helemaal geen sprake", vindt Broers. "Mijn enige conclusie is dat de Senaat straks de eerste serviceclub zal zijn waar de leden betaald worden", besluit hij.