Te zware examens bedreigen job 2.000 NMBS-werknemers
De NMBS is van plan om tegen 2020 nog tien centrale seinhuizen over te houden, de overige tweehonderdvijftig moeten dicht. Voor de bijna tweeduizend operatoren van die seinhuizen is een reddingsboei voorzien: ze kunnen onderstationschef worden. De overgangsexamens zijn echter zo moeilijk dat er amper iemand slaagt. Dat schrijft de krant in De Morgen.
Netbeheerder Infrabel heeft drastischere plannen met de circa 250 seinhuizen die er vandaag nog zijn. Tegen 2014 mogen nog 32 seinhuizen overblijven, in 2020 nog tien grote blokposten waar het spoorverkeer in het hele land via hypermoderne computersystemen in goede banen wordt geleid.
Snoeien in jobs
Uiteraard heeft de forse afbouw van het aantal seinhuizen ook gevolgen voor het personeel van de seinhuizen. "Zo'n 1.800 tot 2.000 operatoren worden getroffen door de operatie", zegt ABVV-chef Jos Digneffe. Infrabel dokterde daarom een oplossing uit waarbij de operatoren na de sluiting van hun seinhuis onderstationschef kunnen worden. Daarvoor moet wel een examen worden afgelegd, en dat is volgens de vakbonden een compleet fiasco.
Examen te moeilijk
"Deze week is er nog een examen geweest. Van de 32 deelnemers zijn er amper twee geslaagd voor de geschiktheidsproeven", zegt Digneffe. Volgens de vakbonden ligt de oorzaak van dat wel erg lage slaagpercentage niet bij de deelnemers, maar bij de moeilijkheidsgraad van het examen. "De eisen zijn compleet buitensporig, er worden dingen gevraagd die een onderstationschef absoluut niet nodig heeft." De vakbonden gaan de proeven nu aankaarten bij de NMBS-top. (belga/eb)