Treinen reden vorige maand iets minder stipt
De stiptheid op het Belgische spoorwegennet bedroeg afgelopen maand 90,2 procent. In dezelfde periode een jaar geleden noteerde Infrabel iets betere cijfers (91,1 procent). In vergelijking met juli 2013 is de stiptheid nipt beter. Toen reed 90,1 procent van de treinen op tijd. Dat blijkt uit de maandelijkse stiptheidscijfers die Infrabel vandaag publiceerde. Een trein rijdt stipt als hij op tijd rijdt of minder dan zes minuten vertraging heeft.
Het aantal afgeschafte treinen ligt met 1,2 procent van het totale aantal treinen, of 1.330 treinen, op hetzelfde niveau als in juli en in augustus vorig jaar. Afgeschafte treinen worden niet in de globale stiptheidscijfers opgenomen.
De belangrijkste oorzaken van de vertragingen zijn, volgens Infrabel, "materiaal van de NMBS" en "storingen aan de infrastructuur".
Op de grootste lijnen werd de afgelopen maand de grootste vertraging opgetekend op de lijn Herstal-Doornik. Daar reed 76,1 procent van de treinen op tijd. Ook de lijnen Moeskroen-Schaarbeek (78,6 procent) en Knokke/Blankenberge-Hasselt/Tongeren (83,9 procent) scoren slecht.
Infrabel volgt ook op in welke mate voorziene aansluitingen, met een overstaptijd van minimum 3 en maximum 20 minuten, gehaald worden in de 10 voornaamste overstapstations. Brugge haalt daarbij 93,3 procent. Luik-Guillemins haalt met 88,6 procent de laagste score. In totaal wordt in die 10 stations 91,3 procent van de aansluitingen gehaald.