Tussentaal rukt op in Vlaanderen
In tachtig procent van de Vlaamse gezinnen is "tussentaal" de gangbare spreektaal. Maar ook op het werk rukt het Verkavelingsvlaams op, zo staat te lezen in De Standaard.
De alomtegenwoordigheid van de tussentaal is een van de opvallendste vaststellingen van de Grote Taalpeiling, een onderzoek waarin De Standaard, Radio 1 en de Nederlandse Taalunie peilden naar de houding van de Vlamingen tegenover tussentaal, dialect en het gebruik van vreemde woorden in het Nederlands.
Tussentaal wordt het vaakst gebruikt in de familiale en informele sfeer, leert de peiling. Ook daarbuiten verspreidt het zogenaamde "Verkavelingsvlaams" zich. Zestig procent van de Vlamingen zegt ook op het werk met de collega's vaak of altijd tussentaal te spreken, en één op de drie spreekt het zelfs vaak met zijn baas.
Ook het dialect blijft populair in Vlaanderen. Bijna 90 procent zou het erg vinden als het dialect van zijn of haar streek zou verdwijnen. Maar het gebruik van het dialect beperkt zich, veel meer dan dat van de tussentaal, tot de familie en de vriendenkring.
De enquête ontkracht ook de mythe dat jongeren minder taalvaardig zijn dan de voorgaande generaties. De ondervraagden kregen een deel van de Taal-IQ-test van De Standaard en Radio 1 voorgelegd. Daarop scoorden jongeren gemiddeld 76 procent, dat is beter dan de 72 procent van de 35- tot 54-jarigen en de 67 procent van de 55-plussers.