"Vandeurzen heeft le Court niet gevraagd tussen te komen"
Minister van Justitie Jo Vandeurzen heeft de procureur-generaal van het Brusselse hof van beroep niet gevraagd om tussen te komen in het Fortis-proces. Dat zei Herman Dams, toenmalig kabinetschef van Vandeurzen, vandaag in de Fortis-onderzoekscommissie. Toen de minister weet kreeg van procedurele problemen tijdens de beroepsprocedure van het proces, heeft zijn kabinet die informatie volgens Dams alleen maar doorgespeeld aan procureur-generaal Marc de le Court.
"Waken over procedure"
Vandeurzen kreeg van de eerste voorzitter van het Hof van Cassatie Ghislain Londers het verwijt aan de le Court te hebben gevraagd om te waken over de procedure. Dat is hoogst uitzonderlijk en kan niet, besloot Londers in zijn ondertussen beruchte nota die op 19 december leidde tot het ontslag van de regering-Leterme.
Volgens Herman Dams is er geen vuiltje aan de lucht. Vandeurzen werd op 12 december door de kabinetschef van toenmalig premier Leterme op de hoogte gebracht van procedurele problemen en ruziënde rechters bij het hof van beroep. Ook het kabinet-Reynders had hiervan weet. Die informatie werd volgens Dams gewoon doorgespeeld aan de le Court, met de mededeling dat hij maar diende te waken over het goede verloop van de procedure.
"Het zou pas erg zijn mochten we die informatie hebben en er niets mee gedaan hebben (...) Wij beschikken over een wettelijk voorziene lijn met het openbaar ministerie en hebben de procureur-generaal geïnformeerd en gevraagd dat hij zijn werk zou doen", stelde Dams.
"Verwijt houdt geen steek"
Volgens Herman Dams houdt het verwijt geen steek dat de minister volgens artikel 29 van het strafwetboek klacht had moeten indienen omdat het geheim van de beraadslaging van de 18de kamer van het hof van beroep geschonden was. Het kabinet heeft het openbaar ministerie immers geïnformeerd over de problemen. Bovendien wist het kabinet op de dag van het arrest nog niet de problemen met het beraad te maken hadden. Wij hadden enkel gehoord over procedurele problemen, zei Dams.
Hij benadrukte verschillende keren dat het kabinet zeer bezorgd was over het imago van Justitie en dat departement wou moderniseren. Wat er allemaal gebeurde in het dossier-Fortis kwam dan ook zeer ongelegen. "Een zwarte dag voor Justitie", klonk het over 12 december. Wat er die dag allemaal gebeurde, was volgens Dams "du jamais vu": de 18de kamer sprak het arrest per mail uit, er werd eerder op die dag een informele zitting gehouden, de advocaten mochten geen conclusies neerleggen, er werden deurwaarders en stafhouders bijgehaald, ... Daarom wilden de advocaten van de FPIM de kamer ook wraken, maar dat lukte ook niet.
Dams stelde vragen aan Bulthé
Herman Dams is de persoon die de Brusselse procureur Bruno Bulthé contacteerde met vragen over het advies dat substituut Paul Dhaeyer in eerste aanleg zou uitbrengen in het Fortis-proces. Hij deed dat naar eigen zeggen na een aantal technische vragen die de advocaat van de Belgische staat in de zaak, Christian Van Buggenhout, aan hem had gesteld. Dams vond die vragen bizar, maar stelde ze toch aan Bulthé. Hij vroeg ook of hij het advies kon krijgen, maar Bulthé weigerde dat omdat het nog niet was uitgesproken. Dams ging er naar eigen zeggen vanuit dat dat wel al was gebeurd, "anders had ik dat ook niet gedaan".
Op de vraag of hij het niet raar vindt dat Van Buggenhout aan het kabinet vragen stelt, antwoordde Dams dat het kabinet dagelijks van burgers vragen krijgt.
Dhaeyer verklaarde eergisteren in de commissie dat Dams bij Bulthé had geïnformeerd naar zijn politieke kleur. Dat ontkende Dams. "Ik wist wie Dhaeyer was. Het is me een raadsel van waar die kwakkel komt", luidde het. Volgens Dams zou het wel kunnen dat Bulthé op het einde van het telefoongesprek hierover iets vermeld heeft. Hij herinnert zich daar echter niets over.
Dams noemde de vraag van de kabinetschefs van Leterme en Reynders om via Pim Vanwalleghem Dhaeyer te contacteren "misschien wel ongelukkig". Hij heeft Vandeurzen daar in elk geval over geïnformeerd.
Dossier op kabinet
Dat het gerechtelijk dossier rond Fortis op het kabinet-Vandeurzen lag, was een initiatief van Marc de le Court, beklemtoonde Dams. De procureur-generaal maakte het dossier over om Vandeurzen de kans te geven om krachtens artikel 1088 van het gerechtelijk wetboek in te grijpen in de lopende procedure. De minister ging niet in op die vraag en liet het dossier onaangeroerd liggen. Een paar dagen later keerde het terug naar het gerecht, verduidelijkte Dams.
Tijdens het verhoor van Herman Dams kwam ook de rol van adjunct-kabinetschef Eric de Formanoir en procureur Bulthé verschillende keren aan bod. De oppositie wil dan ook dat de commissie ook hen nog aan de tand kan voelen. (belga/sam)