Wathelet wil inrichting van "open terugkeercentra"
Staatssecretaris voor Migratie- en Asielbeleid Melchior Wathelet (cdH) pleit voor de oprichting van wat hij noemt "open terugkeercentra". Daar zouden personen naartoe gestuurd worden die geen verblijfsvergunning hebben gekregen, om hen gedurende dertig dagen voor te bereiden op een vrijwillige terugkeer naar hun land van herkomst. Wathelet lanceerde zijn voorstel tijdens de voorstelling van de asielstatistieken 2010.
Dat er in 2010 net geen 20.000 asielaanvragen werden ingediend (19.941 om precies te zijn), was al eerder bekendgemaakt. Ook het feit dat het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS) een beslissing heeft genomen in 13.170 dossiers (+35 procent tegenover 2009), is niet nieuw.
Wel maakte Wathelet voor het eerst de cijfers van het aantal regularisatiebeslissingen bekend. De Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) behandelde vorig jaar 23.392 dossiers. Dat is een stijging met 75 procent. Dat is volgens Wathelet te danken aan de prioriteit die gegeven werd aan het "saneren van de historische achterstand". De DVZ kreeg meer personeel en ging in 2010 ook efficiënter werken.
Concreet nam de DVZ een positieve beslissing in 15.426 dossiers (goed voor 24.199 geregulariseerde personen), terwijl in 7.866 dossiers negatief werd beslist (10.332 personen). "Deze regularisatiecampagne was noodzakelijk, maar heeft enkel maar zin als ze eenmalig is", aldus Wathelet.
Driesporenbeleid
Om een nieuwe regularisatie te vermijden, moet het aantal dossiers dat op de plank ligt, zo laag mogelijk blijven. Wathelet voert daartoe een driesporenbeleid. Ten eerste wil hij voorkomen dat mensen wiens dossier geen kans maakt, toch een asielaanvraag indienen. Daarom reisde hij vorig jaar naar onder meer Kosovo, Albanië en Macedonië, landen die als "veilig" worden beschouwd. In februari reist Wathelet overigens opnieuw naar Kosovo. Het aantal asielaanvragen van Kosovaren zit de laatste maanden namelijk weer in de lift.
De tweede prioriteit van Wathelet is de snelle behandeling van dossiers. Zo wordt op dit moment voorrang gegeven aan aanvragen uit Armenië, een ander land waarvoor het erkenningspercentage van het vluchtelingenstatuut bijzonder zwak is.
Uiteindelijk is het ook noodzakelijk een efficiënt verwijderingsbeleid te voeren ten aanzien van mensen die geen verblijfsvergunning krijgen, vindt Wathelet. In 2010 werden met 8.791 verwijderingen alvast meer mensen het land uitgezet dan in 2009 (8.016).
Gunstige omstandigheden
Maar om een uitwijzingsbeleid te voeren dat hij als nog doeltreffender, menselijker en goedkoper beschouwt, pleit de staatssecretaris voor "open terugkeercentra". Mensen die geen verblijfsvergunning hebben gekregen, zouden daar gedurende dertig dagen kunnen verblijven om hen in gunstige omstandigheden voor te bereiden op een vrijwillige terugkeer.
Een vrijwillige terugkeer is namelijk minder traumatiserend voor de betrokkenen, terwijl het de Belgische staat ook minder kost, meent Wathelet. Mensen die niet vrijwillig willen vertrekken, zouden alsnog naar een gesloten centrum worden overgebracht, met het oog op een gedwongen terugkeer.
Op korte termijn wil Wathelet graag pilootprojecten ter zake starten.
(belga/sps)