Woonbonus kost Vlaming tot 40.000 euro
Doordat de aangepaste woonbonus ook niet wordt geïndexeerd, strijkt een koper volgend jaar nog minder voordeel op. De woningmarkt dreigt stil te vallen. Dat schrijven De Standaard, Het Nieuwsblad en De Tijd.
Een doorsnee-koppel dat volgend jaar een woning koopt, strijkt door de aanpassing van de woonbonus gedurende de looptijd van zijn lening 40.000 euro minder fiscaal voordeel op. Dat komt neer op 170 euro per maand, blijkt uit berekeningen van ING en de kranten. Dat is meer dan doorgaans werd aangenomen, omdat geen rekening werd gehouden met de niet-indexatie van de woonbonus. In het oude systeem werd het fiscale voordeel jaarlijks verhoogd met de inflatie. Dat is niet langer het geval.
Door het fiks lagere voordeel dreigt de woningmarkt volgend jaar stil te vallen. Verkopers zullen vasthouden aan de huidige verkoopwaarde van hun huis, maar veel kopers kunnen die prijs niet meer betalen.
De nieuwbouwmarkt, die het al moeilijk heeft, dreigt nog zwaardere klappen te krijgen bij de hervorming van de woonbonus vanaf 1 januari volgend jaar. De Vlaamse Confederatie Bouw (VCB) vraagt dat de Vlaamse regering specifieke maatregelen zou nemen.
VCB vraagt overgangsmaatregel
"De VCB dringt dan ook bij de Vlaamse regering aan op maatregelen die de woningbouw opnieuw stimuleren. Op zeer korte termijn moet er een overgangsregeling komen bij de woonbonus voor wie een nieuwe woning wil bouwen", klinkt het in een persbericht. De sectorfederatie merkt op dat wie een bestaande woning koopt, de jongste maanden zijn dossier volledig heeft kunnen afwerken om nog op tijd tot een authentieke akte te komen. "Maar voor wie op 23 juli (toen de hervorming van de woonbonus officieel werd bekendgemaakt, nvdr) nog een nieuwe woning wilde laten bouwen, was het vaak te laat." De VCB wijst op de complexiteit van nieuwbouw, "met de aankoop van grond, een ontwerp en een vergunning".
De Vlaamse sectorfederatie dringt dan ook aan op een overgangsmaatregel voor wie volop bezig is met de voorbereiding van een nieuwbouwproject. Volgens de VCB zal de budgettaire impact van zo'n overgangsmaatregel beperkt zijn, "want slechts 12 pct van de hypothecaire leningen heeft betrekking op de bouw van nieuwe woningen".
Ten gronde wil de VCB een oplossing voor de steeds hogere eigen inbreng die geëist wordt van kandidaat-bouwers door de banken. "Momenteel vragen banken bij het afsluiten van een hypothecaire lening minstens een eigen inbreng van 20 procent. Bij een gemiddelde woningprijs van 300.000 euro, moet men dus 60.000 euro inbrengen. Dit is een té hoge drempel voor steeds meer Vlamingen."
Verkopers zullen vasthouden aan de huidige verkoopwaarde van hun huis, maar veel kopers kunnen die prijs niet meer betalen