Woonverbod voor pedofielen unaniem goedgekeurd
De Kamercommissie Justitie heeft vandaag unaniem een wetsvoorstel goedgekeurd waardoor rechters de mogelijkheid krijgen pedofielen een woonverbod op te leggen. Het komt diezelfde rechters toe te bepalen voor welke zone het verbod precies geldt. Daarbij moet worden gekeken naar de bescherming van het slachtoffer, maar ook naar de resocialisatiemogelijkheden voor de dader.
Vandaag schrijft het Strafwetboek voor dat rechtbanken, aan wie zedenfeiten tegen minderjarigen heeft gepleegd, een verbod kunnen opleggen om bepaalde beroepen of activiteiten uit te oefenen of deel uit te maken van bepaalde organisaties. Nadat hij een straf heeft uitgezeten, kan een veroordeelde pedofiel echter zonder meer gaan wonen in de gemeente, of zelfs de straat, waar hij zijn slachtoffer(s) heeft gemaakt.
Het goedgekeurde wetsvoorstel biedt rechters de mogelijkheid pedofielen bij een veroordeling een verbod op te leggen in een bepaalde zone te wonen of te blijven in de buurt van het slachtoffer. De rechter moet de duur van het verbod bepalen. Dat kan gaan van één tot twintig jaar. Omdat de situatie van de veroordeelde kan veranderen, of dat het slachtoffer kan verhuizen, kan de strafuitvoeringsrechtbank de duur van het verbod verminderen, wijzigen, aan andere regels onderwerpen of beëindigen.
Commissie 'Seksueel Misbruik'
De wettekst is een uitloper van de bijzondere commissie 'Seksueel Misbruik', die het levenslicht zag nadat enkele ophefmakende pedofiliezaken in de kerk aan de oppervlakte kwamen. Een eerste reeks wettelijke aanpassingen raakte eerder al gestemd.
De tekst die vandaag langs de bevoegde commissie passeerde, gaat ruimer dan enkel het woonverbod. Iedereen keurde hem goed. De meerderheidspartijen, die het voorstel indienden, schaarden zich ook achter een aantal amendementen van N-VA, die veeleer op de procedure betrekking hebben. Een voorstel van haar om ook een woonverbod in te voeren na veroordelingen in het buitenland, haalde het dan weer niet.
Nietigverklaring
Het voorstel gaat overigens ruimer dan alleen het woonverbod. Zo past het een mouw aan het probleem dat het niet meteen duidelijk is wat moet gebeuren met stukken - zoals dossiers van slachtoffers - waarvan de inbeslagneming nietig werd verklaard, waardoor ze uit het strafdossier werden verwijderd. De tekst bepaalt dat voortaan de raadkamer en kamer van inbeschuldigingstelling bepalen in welke mate de stukken nog in de strafprocedure mogen worden ingezien en aangewend door een partij. Beide instanties geven aan aan wie de stukken moeten worden teruggegeven.
Tijdens de zogenaamde Operatie Kelk werd duidelijk dat problemen kunnen ontstaan met de teruggave van stukken die uit het dossier worden gehaald. Zo zouden bepaalde dossiers moeten zijn teruggegeven aan de Commissie-Adriaenssens, terwijl die intussen niet meer bestond.
Bijkomende maatregelen
Naast het opleggen van een celstraf en een boete, kan een rechter bijkomende maatregelen opleggen, zoals een beroepsverbod. Het voorstel voegt daar de mogelijkheid aan toe om het vonnis of arrest aan de werkgever van de dader over te zenden. Het gaat echter niet om de volledige rechterlijke uitspraak of om de namen van de burgerlijke partijen, maar om de geschonden artikelen en het strafrechtelijk gedeelte van de uitspraak.
De tekst schrijft ook voor dat elk slachtoffer dat zich burgerlijke partij heeft gesteld, op eenvoudig verzoek zal kunnen worden gehoord door de onderzoeksrechter. Ook moet het mogelijk worden dat slachtoffers eenvoudiger op de hoogte blijven van beslissingen van de strafuitvoeringsrechtbank in hun zaak. Ze zullen nog slechts eenmaal een slachtofferverklaring moeten afleggen bij het parket of één strafuitvoeringsrechtbank.
Plenaire Kamer en Senaat
Voortaan zullen justitieassisten een beknopt voorlichtingsverslag over een vrijgelaten pedofiel moeten opmaken als de strafuitvoeringsrechtbank daarom vraagt. Ook staat de justitieassistent in voor de opvolging van de voorwaarden die aan de veroordeelde werden opgelegd. De plenaire Kamer moet het voorstel nog goedkeuren. Een deel ervan verhuist nadien naar de Senaat.