"Ze hebben je gevonden, lieverd. Maar het is te laat"
Het is vandaag exact twintig jaar geleden dat de lichamen van Julie Lejeune en Melissa Russo teruggevonden werden in Sars-la-Buissière. Uitgehongerd en begraven als een hond, zes meter onder de grond. Een eeuwigheid geleden, lijkt het. "Maar voor mij voelt het alsof het gisteren gebeurd is", schrijft Carine Russo in haar boek 'Quatorze mois'. Veertien maanden zou het duren vooraleer de vreselijke waarheid aan het licht kwam. Op 24 juni 1995 verdwenen de Waalse vriendinnetjes, op 17 augustus 1996 smolt de laatste hoop als sneeuw voor de zon. De moeder van Melissa maakte al die tijd aantekeningen, die ze nu deelt met het grote publiek.
"Ze waren dood, mijn hart was gebroken", klinkt het. "Ik raakte in mezelf gekeerd en bevond me in een afgelegen woestijn, hopeloos alleen. Ver weg van alle emotie."
Haar gedachten had ze al die tijd neergepend in blauwe notitieboekjes, een dagboek als het ware. "Ik moest durven te herinneren, durven dit verhaal vertellen. Praten over Melissa, zodat ik die verschrikkelijke onrechtvaardigheid niet zou meenemen in het graf", vertelt ze aan de Franstalige krant La Libre Belgique.
De manier waarop het onderzoek verliep, bracht de nodige frustraties teweeg. "Justitie is op zoek naar schuldigen. Maar wij, wij zoeken onze kinderen", schreef Carine op 25 maart 1996.
De periode rond Kerstmis zou een van de aangrijpendste passages in het boek worden. Carine beschreef hoe ze 's nachts stond te huilen op het voetpad waar de meisjes een half jaar eerder verdwenen waren. "Waarom, schreeuwde ik. Maar de ijzige wind gaf geen antwoord. Was er ooit in de wereld zo'n zware stilte gevallen? Het leek wel het einde van de wereld. Het jaar zat er op en ze waren nog steeds niet boven water gekomen. Niemand heeft hen teruggebracht."
"Kunnen we dit nog een leven noemen?", omschreef Carine de nachtmerrie waarin ze terecht gekomen was. "Meer dan dolende geesten zijn we niet. We zijn veroordeeld tot het leven, zoals de moeder van Julie het treffend omschreef."
Enkele letterlijke passages:
7 januari 1996:
"Ik heb je broer een nachtzoen gegeven, net zoals ik altijd bij jou gedaan heb. Dat ik je niet in je bedje zie liggen, maakt me kapot. Ik zie het somber in. Gisteren had ik mezelf nochtans ingepeperd dat ik me aan het positieve moest vastklampen."
"Ik heb je echt nodig. Alles in huis verwijst nog naar jou: foto's, kleding, speelgoed,... Zo voel ik je dichter bij mij. Jammer voor het geld, maar gaan werken lukt niet meer. Constant in angst wachten op nieuws, ik kan dat niet meer aan."
13 maart 1996
"We doen niets anders dan wachten. 's Nachts heb ik nachtmerries, overdag gaan ze gewoon verder. Dan zie ik je plots voor mij, je spreekt tegen mij. En dan niets meer. Ik word gek. Liefste schat, deze situatie is voor ons al zo ondraaglijk. Wat moet dat voor jou niet zijn? Hopelijk worden onze gebeden aanhoord."
27 juni 1996
"Het is totale paniek. Ik verlies alles, ik vergeet alles, ik weet niet meer waar ik ben, ik flap er zomaar wat uit, ik heb schrik om na te denken. Er wordt een bepaald beeld van jullie gevormd. Jullie zijn niet langer die meisjes van vlees en bloed waar met man en macht naar gezocht wordt. Jullie worden beschouwd als symbolen. Symbolen van verloren kindertijd, van onrecht die aangedaan wordt aan de meest kwetsbaren. En wij, als ouders, worden gezien als strijders tegen dat onrecht. Dat is angstaanjagend! Ik ben niet sterk, dapper of strijdvaardig, ik ben net het tegendeel: kwetsbaar, verloren, droevig, vermoeid en onmachtig."
1 juli 1996
Juli, mijn lievelingsmaand. Nadat we op 24 juni ons verhaal nog eens in de kranten kunnen doen hebben, zwijgt het Luikse gerecht als vermoord. Die stilte voelt slecht aan. Commissaris L. is de hele maand in verlof. Niemand lijkt nog naar jullie op zoek. En onze eerste vragen blijven onbeantwoord. Wat voor zin heeft het dan nog om er nieuwe te stellen?"
17 augustus 1996 (de dag waarop Julie en Melissa dood zouden teruggevonden worden. Twee dagen eerder waren Sabine Dardenne en Laetitia Delhez bevrijd uit het huis van Marc Dutroux in Marcinelle. Zij konden aan de dood ontsnappen, de Russo's hopen nog op dezelfde afloop voor Julie en Melissa)
"Waarom zijn ze al die tijd blind gebleven? Er kon zoveel gedaan worden om dit trieste scenario te voorkomen. Sabine en Laetitia zijn verkracht geweest. Ze zijn nu veilig en wel bij hun familie, maar die horror zal hen hun hele leven lang blijven achtervolgen. Waarom hebben ze er nooit rekening mee gehouden dat mensen hen ontvoerd hebben om hen te (laten) verkrachten? Waarom zochten ze niet langer naar levende kinderen en dachten ze dat ze vermoord waren door een of andere psychopaat? Ik kan de spanning niet meer aan. Het lijkt alsof het bloed uit mijn aderen weggetrokken is en dat er geen leven meer in mij zit, alsof ik al half dood ben. Ik ga letterlijk kapot van angst. Ik doe de onnozelste klusjes, ik herhaal woorden zonder betekenis, ze vliegen weg nog voor ik ze begrijp. Vergelijk het met een marathon waar ik fysiek niet klaar voor ben. Ik ga niet instorten vooraleer ik de finish bereikt heb. Ik zou willen schreeuwen, maar ik kan niet. Ik wil huilen, maar ik kan niet. Ik wil haten, maar ik kan niet. Ik wil sterven, maar ik kan niet. Wat ben je op dit moment aan het doen, lieverd? We zijn nu al meer dan 10.000 uur van elkaar gescheiden. Ik heb de maanden, de weken, de dagen en de uren geteld. We weten nu enkel dat er schot in de zaak zit. We houden alles scherp in de gaten."
"'We duimen voor een goede afloop, de ontknoping nadert", zei agent L. gisteravond. Sindsdien is niemand meer met ons komen praten. Dat ene zinnetje blijft door ons hoofd spoken, maar wanneer gaan ze ons uit ons lijden verlossen? Als we vandaag geen extra info krijgen, zullen we weer tot na het weekend moeten wachten. En dan zullen we zoals gewoonlijk weer zelf contact moeten leggen. Ik kan er niet meer tegen."
17 augustus (namiddag)
"De procureur, een dokter, een psycholoog, mensen van het gerecht,... Ik wist het meteen: die bende kon alleen maar slecht nieuws komen brengen. En dan waren er nog de aasgieren die hun camera's begonnen op te stellen voor ons huis... Ze moest niets meer zeggen, ik wist genoeg. Ze hebben je teruggevonden, schatje. Ze hebben jullie allebei teruggevonden, zowel Julie als jij. Te laat. Ik zal je nooit meer in mijn armen kunnen vasthouden. Adieu, lieverd..."