Aleppo weer gebombardeerd na korte gevechtspauze
Na drie dagen van relatieve rust in de Syrische stad Aleppo zijn vandaag weer luchtaanvallen uitgevoerd op het oostelijke deel van de Syrische stad, dat in handen is van rebellen. Dat meldt het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten.
Syrië en Rusland kondigden afgelopen donderdag een gevechtspauze aan. De Russische minister van Defensie Sergej Shoigu zei dat tot de maatregel was besloten in verband met de voor donderdag afgekondigde 'humanitaire pauze'.
De twee landen riepen zowel burgers als rebellen op om tijdens de pauze de stad via speciale corridors te verlaten en beloofden mensen veilige doorgang. Er werd echter niet veel gebruik gemaakt van het aanbod. Volgens het Observatorium werden de afgelopen dagen geen medische evacuaties uitgevoerd en bereikten hulpgoederen Oost-Aleppo niet.
Volgens Ingy Sedky liet de veiligheidssituatie geen evacuaties toe. Het team van het Rode Kruis kon het oosten van Aleppo, in handen van de rebellen, niet binnen omdat er mortiergeschut was en er sluipschutters actief waren.
Volgens de Syrische oppositie waren er geen garanties dat gewonde geëvacueerden niet door Syrische regeringstroepen zouden worden opgepakt en was er geen rantsoen om humanitaire hulp te bieden aan degene die achterbleven in Aleppo.
In het oosten van de stad zitten naar schatting 250.000 tot 300.000 burgers vast. De voedselvoorraden slinken snel, en in de ondergrondse ziekenhuizen die al herhaaldelijk zelf het doelwit zijn geweest van luchtaanvallen, wordt maar een zeer beperkte medische zorg meer geboden.
Wie de bombardementen van vandaag uitvoerde was niet direct duidelijk.