Amnesty veroordeelt "collectieve straffen" tegen Koerden in Turkije
De militaire operaties van Turkije in het voornamelijk Koerdische zuidoosten van het land, die strikte uitgaansverboden met zich meebrengen en burgers de toegang tot medische hulp en water ontzeggen, hebben veel weg van "collectieve straffen". Dat meldt mensenrechtenorganisatie Amnesty International vandaag.
"De operaties die momenteel plaatsvinden onder een totaal uitgaansverbod, brengen het leven van tienduizenden mensen in gevaar", aldus directeur van Amnesty voor Europa en Centraal-Azië, John Dalhuizen. Volgens de ngo worden 200.000 mensen getroffen door de maatregelen van het Turkse leger. "De combinatie van het afkoppelen van de water- en energievoorraad en de gevaren van het bekomen van voedsel en medische hulp in een belegerde regio, heeft een verwoestend effect op de inwoners", zegt Dalhuizen. "De situatie kan snel verergeren als er niet wordt ingegrepen."
Een twee jaar durend staakt-het-vuren tussen de Koerdische Arbeidersbeweging PKK en de Turkse staat werd opgeheven in juli. Dat leidde tot een nieuwe golf van geweld in het zuidoosten van het land, vooral in de provincies Diyarbakir en Sirnak. De overheid lanceerde vorige maand een groot offensief in de twee provincies om PKK en haar aanhangers uit te schakelen.
Het Turkse leger heeft naar eigen zeggen al bijna 600 militanten gedood in de regio, en ook tientallen leden van de veiligheidskrachten kwamen al om. Volgens Koerdische officiële bronnen kwamen in beide provincies de afgelopen maand al 100 burgers om, onder wie 18 kinderen. De Human Rights Foundation of Turkey spreekt zelfs van 162 dode burgers. Bij de gevechten tussen het leger en de jongerenafdeling van PKK in de steden waar een uitgaansverbod geldt, zijn nog eens 150 mensen omgekomen, aldus Amnesty.
Volgens Amnesty gebruikt Turkije zware wapens en sluipschutters, en laat ze geen internationale waarnemers toe in de getroffen regio's. "De Turkse autoriteiten mogen legitieme maatregelen nemen om de veiligheid te bewaren en verdachten op te pakken, maar moeten ook hun verplichtingen inzake de mensenrechten nakomen", aldus Dalhuizen.