Britten vangen bot bij Libische oppositie
Een "kleine groep Britse diplomaten" die in de stad Benghazi, in het oosten van Libië, was "om contact te leggen met de oppositie", heeft het land verlaten "na problemen te hebben gekend". Dat meldt het Britse ministerie van Buitenlandse Zaken in zelfs voor diplomatiek taalgebruik ongewoon omfloerste bewoordingen. De problemen "zijn op bevredigende manier opgelost", staat in een communiqué van minister William Hague (foto).
Eerder op de dag bevestigde een woordvoerder van de Libische oppositie Britse krantenberichten over de arrestatie door de oppositie van een Brits diplomaat, vergezeld van militairen van de elite-eenheid SAS. De oppositie maakte vanavond nogmaals duidelijk dat zij heeft "geweigerd" met de Britten te praten, dit omdat zij "het land niet op legale wijze waren binnengekomen".
Westerse steun
Er is vermoedelijk nog een andere reden voor die weigering: mocht de oppositie van de Nationale Raad op een of andere wijze gelinkt kunnen worden aan directe Westerse steun, dan dreigt zij haar sympathie bij de achterban en in de Arabische wereld kwijt te spelen. De voorbije week heeft de oppositie meermaals duidelijk gemaakt Libië zelf van het regime van Mouammar Kadhafi te zullen bevrijden, zonder militaire steun van de Britten, Amerikanen of NAVO-troepen.
Venezuela
Hague had bij het begin van de opstand reeds voor een verrassing gezorgd door "uit goede bron" te hebben vernomen dat Kadhafi op de vlucht was geslagen en op weg was naar Venezuela. (belga/sam)