"EU-landen moeten vluchtelingen onder elkaar verdelen"
Het kan niet dat Frontex, het agentschap dat de buitengrenzen van de Europese Unie bewaakt, het enige instrument is dat wordt ingezet tegen de massale toestroom van Noord-Afrikaanse vluchtelingen op het Italiaanse Lampedusa. De Europese lidstaten moeten snel werk maken van een hervestigingsplan, waarbij ze de opvang van vluchtelingen die niet naar hun eigen land kunnen terugkeren, onder elkaar verdelen.
Dat vindt althans het Europees Parlement, dat vandaag een resolutie in die zin heeft aangenomen. Het halfrond stelt ook langetermijnoplossingen voor om dergelijke migratiecrisissen te voorkomen.
Sinds begin dit jaar zijn op Lampedusa al meer dan 20.000 vluchtelingen gestrand. Ze zijn vooral afkomstig uit Tunesië. Met zijn 6.000 inwoners is het Italiaanse eilandje niet opgewassen tegen die toevloed. De Italiaanse regering wil dat de andere EU-landen helpen bij het opvangen van die vluchtelingen, maar krijgt voorlopig nul op het rekest.
In een resolutie springt het Europees Parlement mee op de kar. Niet toevallig is de tekst die vandaag werd goedgekeurd van de hand van een Italiaan, Fiorello Provera van de Lega Nord.
Solidariteitsclausule
De resolutie vraagt de lidstaten een actieplan te ontwikkelen dat de lasten verdeelt van het (tijdelijk) hervestigen van vluchtelingen uit Noord-Afrika. Het activeren van een speciaal om die reden ontworpen solidariteitsclausule, die in de Europese verdragen is opgenomen, kan daarbij helpen. In de clausule worden onder meer de afspraken op financieel vlak vastgelegd.
Een actieplan moet de hoogste nood lenigen, maar om in de toekomst aan gelijkaardige crisissen het hoofd te kunnen bieden, willen de Europarlementsleden dat er een echt hervestigingsprogramma komt. Twee jaar geleden al is de Europese Commissie met een voorstel gekomen, maar de onderhandelingen daarover tussen het parlement en de lidstaten zijn nog lopende. Die moeten nu snel worden afgerond, oordeelt het halfrond.
"Fundamenteler", legde Provera na de goedkeuring van zijn tekst uit op een persconferentie, "is dat we ook moeten ingrijpen in de landen van herkomst en doorreis zelf." De parlementsleden vinden dat het Europese migratiebeleid aangevuld moet worden met concrete maatregelen uit het buitenlands beleid. De creatie van werkgelegenheid en de verbetering van de levensomstandigheden in de landen waar de vluchtelingen vandaan komen of doorheen gereisd zijn, zijn van prioritair belang.
Steun voor landen van herkomst
Financiële steun zou naar projecten moeten gaan waarmee jobs gecreëerd worden, die de plaatselijke middenstand ondersteunen of die vrouwen, kansarmen en minderheidsgroepen kansen geven. Zo "worden de vooruitzichten en alternatieven voor potentiële migranten ter plaatse geoptimaliseerd", leest de resolutie. Landen die geen respect hebben voor de democratie, voor mensenrechten of voor goed bestuur, zouden geen of minder geld krijgen. "Landen die gesteund worden, krijgen zo een reden om nog meer te doen", legt Provera uit.
In de tekst is ook een paragraaf over Libië opgenomen. De parlementsleden betreuren dat "in de huidige omstandigheden" het opschorten van de bilaterale samenwerkingsovereenkomst met het land "de enige beschikbare optie" was. Van zodra er een nieuwe overgangsregering is die bereid is zo'n overeenkomst uit te voeren, rekening houdend met de mensenrechten en de democratische beginselen, moet de samenwerking weer opgestart worden. (afp/adha)