Europese toponderhandelaar: "Geen deal zal drastische gevolgen hebben"
Ruim twee maanden geleden trokken de staatshoofden en regeringsleiders het weekeinde in zonder vergelijk over de inkomsten en uitgaven van de Europese Unie van 2014 tot 2020. Die luxe genieten ze de komende dagen niet langer. "Het is nu of nooit. Geen deal zal verstrekkende gevolgen hebben", zo waarschuwde een Europese toponderhandelaar. Historisch wordt de clash alleszins: voor het eerst moet Europa het met minder geld stellen.
De stellingnames zijn niet fundamenteel veranderd sinds de eerste onderhandelingsronde eind november. Groot-Brittannië, Duitsland en andere noordelijke landen eisen forsere bezuinigingen, Frankrijk, Italië en andere landen hameren op het belang van de Europese begroting als hefboom voor investeringen en het Europees Parlement dreigt een ontoereikend compromis te verwerpen. De tijd tikt echter steeds meer in het nadeel. De Italiaanse en Duitse verkiezingen naderen en verder uitstel dreigt de financiële planning helemaal in de war te sturen.
Na een gesprek met Europees Parlementsvoorzitter Martin Schulz opent voorzitter Herman Van Rompuy morgen om 16.00 uur de onderhandelingen met een nieuw voorstel. In vergelijking met de vorige compromistekst zou de Belg de financiële engagementen verlagen van 973 tot 960 miljard euro en de effectieve betalingen van 943 tot 900 miljard euro. Zo zou de budgettaire slagkracht van Europa de komende zeven jaar met 3,7 procent slinken in vergelijking met de huidige meerjarenbegroting, en met 4,7 procent ten opzichte van wat de Europese Commissie nodig acht tot 2020.
Algemeen wordt aangenomen dat Van Rompuy niet al te zeer zal morrelen aan de voorlopige uitgavenplafonds voor landbouw (372 miljard euro) en het cohesiebeleid (320 miljard euro). Pleidooien uit het zuiden en oosten van Europa voor meer genereuze cohesiefondsen dreigen te botsen met de Britse en Duitse besparingsdrang en Franse of Spaanse pogingen om het landbouwbudget te versterken lijken hetzelfde lot beschoren. Om de pil te verzachten zou men in het onderdeel plattelandsontwikkeling wel enkele speciale enveloppes kunnen voorzien voor gedupeerde landen als Frankrijk en Italië. Ook België is vragende partij.
De administratieve uitgaven (62 miljard euro) en budgetten ter ondersteuning van de economische groei (139 miljard euro), zoals R&D en het fonds voor grensoverschrijdende infrastructuurwerken voor vervoer, energie en telecom, dreigen het kind van de rekening te worden in het nieuwe compromisvoorstel. In een videoboodschap beklemtoonde Van Rompuy gisteren wel nog dat hij blijft streven naar een reële stijging van de uitgaven voor onderzoek, innovatie en opleiding in vergelijking met de huidige meerjarenbegroting.
Herman Van Rompuy kwam gisteren ook op de proppen met een nieuw fonds ter bestrijding van de jeugdwerkloosheid. Hij wil "verscheidene miljarden" opzijzetten om de "grootste Europese uitdaging van het moment" aan te pakken "in de meest getroffen regio's". Er zal nog duchtig onderhandeld worden over de drempels en criteria die toegang bieden tot dat fonds. Ook in deze discussie zit België op vinkenslag. Net zoals ons land nog steeds lobbyt om iets uit de brand te slepen voor de economisch zwaar geteisterde provincies Limburg en Luik.
Ook aan de inkomstenzijde van het Europese budget moet premier Elio Di Rupo nog aan de bak. De Europese Commissie wil dat de lidstaten 90 in plaats van de huidige 75 procent van de geïnde douanerechten doorstorten naar Europa. Landen als België en Nederland, die over wereldhavens beschikken, proberen de schade te beperken en 15 tot 20 procent van de douanerechten in de nationale schatkist te houden. Voor het overige vallen er aan de inkomstenzijde geen grote revoluties meer te verwachten. De Britse korting op de nationale bijdrage blijft onaangeroerd. De overige landen met een korting moeten mogelijk met kleine verliezen rekening houden.
Steeds nadrukkelijker wordt er intussen op gewezen dat de vrucht van de onderhandelingsmarathon van de staatshoofden en regeringsleiders de zegen moet krijgen van het Europees Parlement. De grootste fracties sabelen het huidige compromis neer en in de hoofdsteden groeit het besef dat nog een en ander moet gebeuren vooraleer er 376 parlementsleden instemmen met de meerjarenbegroting. Gebeurt dat niet, dan moet opnieuw over jaarbudgetten onderhandeld worden en dreigen landen als Duitsland hun korting te verliezen. Bovendien speelt dan ook de unanimiteitsregel niet langer.
De Europarlementsleden eisen meer flexibiliteit om geld te verschuiven tussen begrotingsrubrieken en -jaren, een herzieningsclausule en een engagement dat Europa op termijn meer eigen inkomsten mag werven, zodat de nationale bijdrages navenant kunnen dalen. Ook waarschuwen ze samen met de Europese Commissie voor de uitdijende kloof tussen verbintenissen en betalingen in de begroting. Zo dreigde onder meer het Erasmusprogramma reeds in betalingsproblemen te sukkelen.
Naast de meerjarenbegroting agendeerde Van Rompuy ook een gedachtenwisseling over de Arabische Lente, Mali en de handelsbetrekkingen. Naar verwachting 90 procent van de toekomstige economische groei zal buiten de Europese grenzen gegenereerd worden. Er moet volgens de Europese beleidsmakers dan ook volop ingezet worden op nieuwe bilaterale vrijhandelsakkoorden. Een deal met de Verenigde Staten moet de parel aan de kroon worden. Bevoegd eurocommissaris voor Handel Karel De Gucht vertoeft deze week in Washington om de contouren van eventuele vrijhandelsgesprekken vast te leggen.