Gebruik fragmentatiebommen Jemen "mogelijke oorlogsmisdaad"
Het gebruik van fragmentatiebommen om door burgers bewoond gebied te bombarderen, "kan een oorlogsmisdaad betekenen". Dat heeft VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon gisteren gezegd.
Donderdag had de ngo Human Rights Watch (HRW) Saoedi-Arabië ervan beschuldigd, de internationaal verboden 'cluster bombs' te hebben ingezet, onder andere woensdag in een bombardement op Sanaa, de Jemenitische hoofdstad die in handen is van de sjiitische Houthi's. Volgens zijn woordvoerder is Ban "erg bezorgd" over de berichten over "intense raids op woonzones en burgergebouwen in Sanaa", waaronder de handelskamer en een blindeninstituut.
De fragmentatiebommen maken wellicht deel uit van het oorlogsmaterieel ten bedrage van 1,3 miljard dollar dat de Verenigde Staten in november vorig jaar aan de Saoedische bondgenoot heeft geleverd.
'Sterke vermoedens'
Ban KI-moon liet voorts weten te hopen dat vrede in Jemen bereikt kan worden via de vredesgesprekken die eerlang over de crisis in het straatarme Arabische land worden gehouden.
Donderdag had de door de soennitische Golfstaten gesteunde, Jemenitische regering de VN-gezant voor de mensenrechten in Jemen, George Abu al-Zulof, uit te wijzen, officieel omdat de man "niet onpartijdig" is.
Behalve HRW heeft ook het Hoge Commissariaat voor de rechten van de mens van de VN onlangs melding gemaakt van "sterke vermoedens" dat de Saoedi's en hun bondgenoten in Jemen fragmentatiebommen hebben gebruikt.