Hoge geestelijke bekritiseert krant voor misbruikverhaal
Kardinaal William Levada, prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, wijst in een brief de recente beschuldigingen van de Amerikaanse krant New York Times tegen paus Benedictus XVI van de hand. Kardinaal Levada volgde Benedictus op als het hoofd van deze Congregatie, sinds 2001 de instantie waar bisschoppen misbruik melden. Dat werd vandaag door Kerknet bekend gemaakt.
Laurie Goodstein van New York Times beschuldigde de paus van een doofpotoperatie en nalatigheid, in het bijzonder met betrekking tot kindermisbruik van dove kinderen door een Amerikaanse priester tussen 1950 en 1974. Ook als aartsbisschop van München zou hij een priester de hand boven het hoofd gehouden hebben. Kardinaal Levada weerlegt dat de "aan het licht gebrachte documenten" nieuw zijn en hij verwijt de krant tendentieuze en oneerlijke berichtgeving.
"Niet adequaat gereageerd"
De Amerikaanse curiekardinaal erkent dat zowel de kerkelijke als de burgerlijke overheid niet adequaat reageerden op de klachten over het misbruik door de Amerikaanse priester, die pas in de jaren negentig aan de paus gemeld werden. "Maar Goodstein schrijft dat falen niet aan het bisdom, maar aan paus Benedictus XVI zelf toe. Ondanks Goodstein's bewering was de Congregatie voor de Geloofsleer wel degelijk gewonnen voor een kerkelijk proces. Dat werd slechts opgeschort toen duidelijk werd dat de priester op sterven lag", aldus Levada.
Levada wijst er tot slot op dat het Benedictus XVI was die in 2001 als hoofd van de Congregatie voor de Geloofsleer de kerkelijke procedures introduceerde om kindermisbruik door geestelijken te bestrijden. (belga/ypu)