Holdingstructuur bij spoorwegen blijft bestaan onder voorwaarden
Het binnenlands reizigersvervoer over het spoor moet vanaf december 2019 opengesteld worden voor concurrentie. Dat staat in een nieuwe pakket voorstellen dat Europees Commissaris Siim Kallas vandaag heeft gepresenteerd. Een strikte scheiding tussen vervoersmaatschappijen en infrastructuurbeheerders is volgens Kallas aangewezen, maar onder bepaalde voorwaarden wil hij holdingstructuren laten bestaan.
Met haar zogenaamde 'vierde spoorpakket' zet de Commissie de volgende stap in de vrijmaking van het spoor. Eerst werden het goederentransport en het internationaal vervoer al geliberaliseerd, nu is het de beurt aan het binnenlands reizigersvervoer. Samen met enkele andere ingrepen schotelt commissaris Kallas de lidstaten en het Europees Parlement vier stukken wetgeving voor.
Frankrijk en Duitsland
Er werd al lang uitgekeken naar de dag dat de Commissie het zou aandurven de totale scheiding tussen vervoersmaatschappij en infrastructuurbeheerder op tafel te leggen, wat als een noodzakelijke voorwaarde werd gezien om operatoren over de eigen landsgrenzen heen diensten te laten aanbieden. Omdat Kallas dit nu eindelijk wou doen, voerden verschillende landen met een geïntegreerde spoormaatschappij de voorbije maanden de druk op. Frankrijk en vooral Duitsland willen graag hun holdings bewaren.
Ondanks die druk "hebben we geen compromissen gesloten over ons basisconcept", beweerde Kallas vandaag. Toch wil hij holdings in de toekomst nog steeds toelaten, weliswaar onder strikte voorwaarden.
Vrije concurrentie
Centraal in Kallas' voorstellen staat het idee om vanaf december 2019 Europese spoormaatschappijen in alle EU-landen te laten opereren op binnenlandse verbindingen. Ze zullen vrij kunnen concurreren met de 'historische' aanbieders of mee kunnen dingen naar openbare dienstcontracten. Het zijn de infrastructuurbeheerders die verplicht zullen worden de aanbestedingen te organiseren. In de EU valt meer dan 90 procent van de spoorverbindingen onder openbare dienstcontracten.
Spooroperatoren die geen banden hebben met netwerkbeheerders zullen eind 2019 onmiddellijk toegang krijgen tot de opengestelde binnenlandse markten. Volgens Kallas is die onafhankelijkheid essentieel om belangenconflicten te vermijden en "verleent het alle bedrijven op niet-discriminerende wijze toegang tot het spoor".
Voorwaarden
Niettemin ziet de Commissie onder bepaalde voorwaarden het bestaan van holdingstructuren door de vingers. Vervoersmaatschappijen die onder één koepel opereren met een infrastructuurbedrijf zullen ook op de geliberaliseerde markt actief mogen zijn, maar dan moeten de juridische, financiële en operationele activiteiten van beide ondernemingen wel strikt gescheiden zijn. Kallas spreekt van een 'Chinese muur' tussenin. Als binnen een verticaal geïntegreerde structuur de scheiding tussen vervoersmaatschappij en netwerkbeheerder door de Commissie als onvoldoende wordt beschouwd, kan de operator een verbod krijgen om diensten aan te bieden in het buitenland.
Tijdens een persbriefing relativeerde Kallas het belang dat aan de scheiding - 'unbundling' in Europees jargon - wordt gehecht. "Oké, we hanteren wat flexibiliteit wat de middelen betreft, maar het doel blijft hetzelfde. Voor ons is de unbundling nooit een ideologische obsessie geweest, we willen gewoon een efficiënte spoormarkt."
Een markt
In het spoorpakket staan nog enkele maatregelen om eindelijk een echt eengemaakte Europese spoormarkt te creëren. Die gaan van het snoeien in de administratieve lasten om tijd en kosten te besparen, over het herzien van de regels rond veiligheid, tot het verbeteren van de interoperabiliteit. Met die laatste ingreep wil de Commissie het rollend materieel en de netwerken in de lidstaten beter op elkaar afstemmen.
Commissaris Kallas meent dat met zijn pakket de innovatie en de dienstverlening op de spoormarkt een boost zullen krijgen. "Zo zal het spoor opnieuw kunnen groeien ten voordele van burgers, bedrijven en milieu."
Hij heeft ook aandacht voor de werknemers van de spoorwegen. Dat liberalisering tot een verslechtering van de arbeidsomstandigheden zou leiden, spreekt Kallas tegen. "De ervaring met lidstaten die hun markten open hebben gesteld, toont dat dit voor meer en betere jobs zorgt", luidt het. Wanneer een openbaar dienstcontract van de ene maatschappij op de andere overgaat, kan bovendien geëist worden dat de werknemers overgenomen worden.
Weiniger verandering voor België
Voor de NMBS verandert het vierde spoorpakket niet veel. De nieuwe tweeledige structuur die de regering-Di Rupo begin deze maand overeenkwam, past perfect binnen het kader dat Kallas nu schetst.
Zijn voorstellen zijn echter niet het eindpunt. Het is nu aan de lidstaten en het Europees Parlement om over de teksten te gaan onderhandelen. Wellicht worden de gesprekken lang en moeilijk en zullen ze over de Europese verkiezingen van 2014 moeten worden getild.
NMBS herbekijken
ACV Transcom pleit daarom om de beslissing over de nieuwe tweeledige structuur voor de NMBS-Groep opnieuw te bekijken. "De minister moet zijn verantwoordelijkheid nemen", klinkt het, omdat een geïntegreerde structuur volgens hen beter is voor de stiptheid en dienstverlening. In ons land nam de regering reeds de beslissing over een hervorming van de drieledige spoorstructuur. De NMBS Holding verdwijnt en er komt een nieuw vehikel, HR-Rail, tussen NMBS en Infrabel voor het personeelsbeleid. Een duale structuur dus, waar de vakbonden tegen gestreden hebben. Zij pleitten voor een geïntegreerd bedrijf. Die constructie zou dus conform de Europese regels zijn.
Rijpaden
Volgens Luc Piens van ACV Transcom zijn de zogenaamde rijpaden, dus het bepalen welke trein waar en wanneer rijdt, de meest concurrentiële materie. "Als men dit duidelijk afzondert, kan men een geïntegreerd bedrijf behouden met één chef, die dus verantwoordelijk is voor de stiptheid en de dienstverlening", luidt het.
"We gaan in ieder geval met de minister het gesprek voeren over het vierde pakket. Anderzijds is er reeds beslist in de ministerraad. Maar de minister moet zijn verantwoordelijkheid nemen indien er een mogelijkheid is om de dienstverlening en stiptheid te verbeteren."
Taken openstellen
Jean-Pierre Goossens van ACOD Spoor ziet echter weinig kans voor een herziening, ondanks dat de Europese Commissie een eenheidsstructuur niet uitsluit. "Ik vermoed dat we daarmee onmiddellijk geen opening mee kunnen hebben op politiek vlak", klinkt het. Hij vraagt zich ook af wat er met de taken zal gebeuren die nu nog bij de NMBS-Holding zitten en die naar Infrabel of NMBS zullen gaan, zoals beveiliging en ICT. "Als er meerdere operatoren komen voor het reizigersvervoer, in hoeverre kunnen die taken dan opengesteld worden voor anderen?"
En wat zou het verschil zijn tussen de huidige situatie met een NMBS-Holding en waar de vakbonden eveneens van af willen, en een geïntegreerde holding? "Het noemt NMBS-Holding maar de Holding is een autonoom bedrijf", aldus Piens. "In Duitsland is er een geïntegreerd bedrijf, een echte holding. Hier in België gaat het om drie autonome bedrijven met elk een eigen raad van bestuur", die niet altijd beslissingen nemen die getoetst zijn met de andere entiteiten.