Hollande maakt debuut op Europese scène
De Europese leiders zijn in Brussel bijeengekomen voor een gedachtewisseling over maatregelen om de Europese economie opnieuw op gang te trekken. Een ideale binnenkomer voor de nieuwe Franse president François Hollande, die de voorbije maanden onophoudelijk de eenzijdige Europese focus op besparingen aanviel en zijn debuut op de Europese scène maakt.
"We moeten onmiddellijk aan de slag om de economische groei te versterken", verklaarde Hollande bij zijn aankomst op de top. Voor de socialist valt er geen tijd te verliezen. Zonder groei dreigt de geplande afbouw van de overheidstekorten te mislukken en wordt de onrust op de markten verder versterkt, zei hij.
Hollande bevestigde voorts dat hij binnenskamers een lans zal breken voor de uitgifte van euro-obligaties. Dat brengt hem meteen op confrontatiekoers met de Duitse bondskanselier Angela Merkel, die woensdag nogmaals het Duitse verzet tegen een samensmelting van de staatsschuld in de eurozone bevestigde. Dat levert volgens haar "geen bijdrage aan de groei".
In Elio Di Rupo vindt Hollande wel een medestander. De Belgische premier citeerde euro-obligaties als één van de concrete maatregelen die ons land zal verdedigen, naast onder meer de invoering van een financiële transactietaks en een betere kredietverlening voor kmo's. Het komt er volgens Di Rupo op aan dat Europa niet enkel de noodzakelijke besparingen doorvoert, maar ook "een boodschap van hoop brengt, vooral voor de jongeren".
Ondanks de forse druk van andere grootmachten tijdens de recente G8-top in Camp David worden er woensdag nog geen Europese beslissingen over economische stimuli verwacht. De bijeenkomst dient eerder de weg te bereiden voor de top van eind juni. Dinsdag bereikten de lidstaten wel al een akkoord met het Europees Parlement over de lancering van projectobligaties. Die zouden tot 4,6 miljard euro investeringen in infrastructuur en innovatie moeten opleveren.
Intussen blijft de schaduw van de schuldencrisis over de Europese topbijeenkomsten hangen. Woensdag daalde de waarde van de euro voor het eerst sinds de zomer van 2010 tot minder dan 1,26 dollar en weerom gonsde het van de geruchten over de technische voorbereidingen van een Griekse exit uit de eurozone. Athene ontkende meteen in alle toonaarden.
Ook de Spaanse situatie blijft zorgen baren. Premier Mariano Rajoy herhaalde opnieuw dat zijn land geen nood heeft aan Europese steun. Hij erkende echter wel dat zijn land "niet kan blijven leven" met de huidige rente van zes procent op staatsleningen en lanceerde in bedekte termen een oproep voor een interventie van de Europese Centrale Bank.