In Aden liggen de lijken op straat en is het water op
De zee- en luchtroutes in Jemen zijn geblokkeerd en dat maakt het bijna onmogelijk om hulp te verlenen aan de belegerde inwoners. "Ik kan niet beschrijven hoe verschrikkelijk de situatie is", zegt Marie Claire Feghali van het Internationale Rode Kruis vanuit de Jemenitische hoofdstad Sanaa.
Lijken liggen op straat, er wordt continu gevochten, vanuit de lucht wordt gebombardeerd, er is niet genoeg drinkwater, niet genoeg voedsel. Dit is, kort geschetst, de situatie in verschillende delen van Jemen, waaronder de hoofdstad Sanaa en de havenstad Aden.
Jemen kent een lange geschiedenis van strijd, maar deze situatie is "extreem", zegt Feghali over de telefoon. "De ziekenhuizen zijn onderbemand en er is niet genoeg apparatuur aanwezig om de constante toestroom aan gewonden te helpen. Ook hebben de artsen niet de kennis in huis om moeilijke operaties uit te voeren. Daarom hebben we een schip met een chirurgisch team naar Aden gestuurd, maar we hebben nog altijd geen toestemming om aan te meren."
Volgens Feghali is het logistiek een enorme klus om de hulp te organiseren. "We moeten onderhandelen met verschillende partijen. Niet alleen met de Jemenitische autoriteiten, ook met de Saoedische coalitie en de strijdende partijen ter plaatse."
Op dit moment staan er twee vliegtuigen van het Rode Kruis te wachten op vertrek. Daarvoor is na lang onderhandelen toestemming verleend. Het eerste vliegtuig, volgepakt met 16 ton aan hulpmiddelen, staat in de Jordaanse hoofdstad Amman en zal naar verwachting morgen in Sanaa arriveren. Een tweede vliegtuig, met 32 ton aan generatoren en medische middelen bestemd voor de ziekenhuizen, zal naar verwachting donderdag vanuit het Zwitserse Genève naar Sanaa vliegen.
Eenmaal aangekomen wacht de volgende uitdaging: de hulpgoederen op de juiste plek krijgen. Door de aanhoudende gevechten en de lucht- en zeeblokkades die zijn ingesteld door de Saoedische coalitie, is dit lastig. Feghali: "Inwoners in Aden moeten het doen met de voedselvoorraad die ze al hadden voordat de strijd uitbrak. Veel is dat niet, er zijn tekorten aan bloem en brood, maar ook aan elektriciteit en brandstof. Aden is een havenstad. Meer dan negentig procent van de voorraden wordt geïmporteerd, maar dat kan nu niet meer. Mensen zitten opgesloten in hun huizen. Het is te gevaarlijk om de straat op te gaan, dus we moeten een manier bedenken om de goederen te leveren."
Volgens Feghali is er eigenlijk maar één optie: een humanitaire pauze van minimaal 24 uur, zodat de hulp op gang kan komen en de lijken van de straat geraapt kunnen worden. Ook de Verenigde Naties en Rusland in de Veiligheidsraad pleiten daarvoor.
Het is te gevaarlijk om de straat op te gaan, dus we moeten een manier bedenken om de goederen te leveren
Drie medewerkers gedood
Het Internationale Rode Kruis heeft 250 medewerkers in Jemen. Die leunen op nog eens honderden (precieze aantallen zijn onbekend) vrijwilligers. Dat hun werk zekere risico's met zich meebrengt, bleek afgelopen vrijdag. Twee broers werden in Aden gedood terwijl ze gewonde mensen naar een ambulance begeleidden. Eerder werd er ook al een vrijwilliger van het Rode Kruis in de provincie al-Dhale gedood. Volgens het Rode Kruis is er bewust op hen geschoten. De medewerkers droegen jassen met het symbool van de hulporganisatie.
Door de aanhoudende gevechten en luchtaanvallen op Jemen, die hun derde week ingaan, zijn er al meer dan 500 mensen omgekomen, zo maakten de Verenigde Naties donderdag bekend. Ook zouden er, volgens UNICEF, ten minste 74 kinderen zijn omgekomen. Meer dan 100.000 mensen zijn hun huizen ontvlucht.
De meeste buitenlanders zijn inmiddels uit Jemen geëvacueerd. Zondag werden er 2.300 Indiërs met een schip in Aden opgehaald. Gisteren pikte een Chinees schip de laatste 38 Chinese staatsburgers en plus nog 45 Sri Lankanen op.