IS-extremisten veroveren bijkomende olievelden in Noord-Irak
De terreurgroep Islamitische Staat (IS) heeft in het noorden van Irak nog twee olievelden onder haar controle gebracht. Koerdische Peschmerga-strijders hadden zich eerder na zware gevechten met de extremisten uit de regio Zamar teruggetrokken, meldde de nieuwssite al-Sumeria zondag. De olievelden liggen in de buurt van de oliepijplijn die Irak met Turkije verbindt.
De terreurgroep veroverde bovendien de stad Sindshar en verschillende aangrenzende dorpen, die overwegend door de religieuze minderheid van Jezidi's bewoond worden. In de plaatsen ten noorden en westen van de grootstad Mosoel is paniek uitgebroken, berichten de bewoners. Velen onder hen zijn gevlucht naar het aanpalende Koerdische autonome gebied.
De extremisten hadden begin juni Mosoel op 400 kilometer ten noorden van Bagdad ingenomen. Ze beheersen inmiddels uitgestrekte gebieden in het noorden en westen van het land. In de door hen gecontroleerde regio's gaan ze met meedogenloos geweld tekeer tegen andersgelovigen. Bijna de hele christelijke bevolking is wegens de vervolgingen uit Mosoel gevlucht.