"Kaap van 60.000 doden in Syrië overschreden"
In de bijna twee jaar woedende burgeroorlog in Syrië zijn volgens VN-cijfers minstens 60.000 mensen gedood. Dat blijkt uit onderzoek van experten, aldus de Hoge Commissaris voor Mensenrechten van de VN.
Navi Pillay acht vooral het Assad-regime, maar ook de rebellen verantwoordelijk voor de doden. "Dit enorm verlies aan mensenlevens had vermeden kunnen worden als de Syrische regering een andere weg had ingeslagen dan de gewetenloze onderdrukking van het aanvankelijk vreedzaam en legitiem protest van ongewapende burgers", verklaarde ze. Later werden ook steeds meer mensen gedood door antiregeringsgezinde gewapende groepen. "Maar zware misdaden en naar alle waarschijnlijkheid ook misdaden tegen de mensheid werden door beide kampen gepleegd." Bijkomend onderzoek is nodig om later de schuldigen ter verantwoording te kunnen roepen.
De experten spoorden tussen 15 maart 2011 en 30 november 2012 uit zeven verschillende bronnen 59.648 mensen op die door de oorlog zijn omgekomen. "Omdat de gevechten sinds eind november niet zijn gestopt, kunnen we ervan uitgaan dat het aantal slachtoffers nog beduidend hoger is", aldus Pillay.
Op de lijst werden enkel de slachtoffers opgenomen die volgens geloofwaardig ingeschatte berichten met voor- en familienaam alsook de plaats van hun overlijden vastgelegd konden worden. Het als realistisch beschouwde aantal is gefilterd uit een totaal van meer dan 147.000 doodsberichten, waarbij rekening gehouden werd met mogelijke dubbele meldingen.
"Hoewel dit de tot nog toe meest gedetailleerde en omvattende analyse is, gaat het niet om een definitief cijfer", verklaarde Pillay. Er werd niet altijd in geslaagd de concrete doodsomstandigheden te bepalen: deels wegens de complexe situatie in oorlogsgebieden, maar ook omdat de Syrische regering de VN-experten geen toegang verleende.
Luchtaanval op tankstation
Vandaag nog voerde het Syrische regime een luchtaanval uit op een tankstation in de hoofdstad Damascus. Bij de aanval zouden tientallen mensen om het leven zijn gekomen of gewond zijn geraakt.
Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten stond het tankstation in de oostelijke voorstad Mleiha. Op amateurbeelden zijn verkoolde lichamen en een uiteengereten lijk te zien. Diverse voertuigen vlogen na de aanval in brand.
Aanval op luchtmachtbasis
Eerder op de dag kwam het bericht dat Syrische rebellen een grote luchtmachtbasis in de noordelijke Syrische provincie Idlib aangevallen hebben. Volgens Rami Abdul-Rahman, de directeur van het Observatorium, begon de aanval op de Taftanaz-basis vroeg in de ochtend. Het was volgens hem een van de zwaarste aanvallen op de basis. Eerdere pogingen om de basis te veroveren, liepen op niets uit.
De afgelopen weken hebben de rebellen in de naburige provincie Aleppo het aantal aanvallen op luchtmachtbasissen en vliegvelden fors opgevoerd. Doel is om de overmacht van het regime van president Bashar Assad in de lucht te doorbreken.