NAVO legt laatste hand aan vervolg missie in Afghanistan
De ministers van Defensie van de 28 NAVO-lidstaten en hun partnerlanden geven volgende week groen licht aan de grote lijnen van de toekomstige missie in Afghanistan. Alle gevechtstroepen verlaten het land eind 2014, maar de NAVO verzekerde al dat ze er ook nadien actief zal blijven om de Afghaanse agenten en militairen op te leiden.
De defensieministers, die op 9 en 10 oktober verzamelen blazen in Brussel, zullen alvast het "ruime kader" van de toekomstige missie goedkeuren, zo maakte secretaris-generaal Anders Fogh Rasmussen bekend. Begin 2013 volgt dan normaal gezien het fiat voor de "gedetailleerde contouren".
Op een grote top in Chicago spraken de staats-en regeringsleiders van de NAVO eerder dit jaar af om ook na 2014 in Afghanistan te blijven, maar met een ander doel. De controle moet tegen dan immers volledig aan de Afghaanse autoriteiten zijn overgedragen. Momenteel zijn er nog 115.000 buitenlandse militairen actief.
Belgische leger
Volgens de eerste geruchten zou de nieuwe missie nog zo'n 10.000 tot 20.000 manschappen tellen. Welke landen zullen bijdragen, ligt nog niet vast. Rasmussen liet slechts verstaan dat zes partnerlanden alvast bereid zijn hun bijdrage te leveren. Uit indiscreties valt op te maken dat het zou gaan om Australië, Nieuw-Zeeland, Finland, Zweden, Georgië en Oekraïne.
De Belgische stafchef Gerard Van Caelenberge liet vorige week nog optekenen dat België waarschijnlijk wel gevraagd zou worden zijn deel van de inspanning te leveren. Het zal aan de Belgische regering zijn om daarover te beslissen. Het huidige regeerakkoord sluit niet uit dat België eventueel ter plaatse zou blijven "om de heropbouw te ondersteunen".