Noorse groenen willen vluchtelingen naar Spitsbergen tussen de ijsberen sturen
Spitsbergen is een eilandengroep, halverwege tussen Noorwegen en de Noordpool, die meer ijsberen (3.000) telt dan bewoners (2.600). Zestig procent van de oppervlakte bestaat er uit gletsjers. En daar wil de Noorse Groene Partij vluchtelingen heensturen. Niet echt een warm welkom.
Spitsbergen, bijna 600 km ten noorden van Noorwegen, is een van 's werelds meest afgelegen, bewoonbare gebieden. De gemiddelde zomertemperatuur is er 5 graden. De ijsberen zijn er beschermd, maar kunnen gevaarlijk zijn. Vier jaar geleden werd een Britse toerist in zijn tentje gedood door een ijsbeer.
Op het eerste gezicht toch niet de meest gastvrije plek ter wereld, maar daar is Espen Klungeseth, voorzitter van de Groene Partij, het niet mee eens. Zijn partij heeft aan de plaatselijke bestuurder gevraagd om te bekijken of Spitsbergen vluchtelingen kan opvangen. Dat is niet evident omdat Spitsbergen geen deel uitmaakt van Schengen en een apart statuut heeft.
De huidige bewoners van de archipel zijn vooral werkzaam in de steenkoolmijnen. Een precaire sector: een van de belangrijkste werkgevers heeft recent nog aangekondigd dat het 150 werknemers zou ontslaan.
Morele plicht
Er zou een ontvangstcentrum voor migranten kunnen gebouwd worden, wat jobs zou creëren. Maar Noorwegen heeft vooral ook de morele plicht om vluchtelingen op te vangen, zeggen de politici die het voorstel verdedigen.
Het is een opmerkelijke locatie om mensen in nood op te vangen. In het verleden gingen bij rechtse partijen stemmen op om er gevangenissen op te richten of gesloten centra voor verslaafden.
Ook Noorwegen heeft te kampen met de problemen van de vluchtelingencrisis. Door een lacune in de wetgeving, die het verbiedt om het land per boot of te voet te betreden, probeerden de laatste weken vele vluchtelingen de Noorse grens over te steken per fiets.