Oppositie Oekraïne praat mee in crisisoverleg
In Kiev zijn gisterenavond laat vertegenwoordigers van de oppositie aangeschoven bij het internationale overleg dat een einde moet maken aan de crisis en het geweld in Oekraïne. De onderhandelingen tussen president Viktor Janoekovitsj en de ministers van Buitenlandse Zaken van Duitsland, Polen en Frankrijk waren enkele uren eerder voortgezet. De Amerikaanse vice-president Joe Biden voerde verder de druk op in een telefoongesprek met Janoekovitsj.
"We gaan op dit moment terug voor een ontmoeting met de president'', liet de Franse minister Laurent Fabius in Kiev weten.
De drie ministers van Buitenlandse Zaken uit Duitsland (Steinmeier), Frankrijk (Fabius) en Polen (Sikorski) blijven nog tot morgen in Oekraïne. "We gaan een nacht van moeilijke onderhandelingen tegemoet", liet de woordvoerder van de Poolse minister Sikorski weten.
Ook de Oekraïense oppositie spreekt met Janoekovitsj, meldde de woordvoerster van oppositieleider Vitali Klitsjko.
Donderdag zeker 64 doden
Gesprekken op woensdagavond leidden tot een bestand dat geen stand hield. Naar schatting zijn bij nieuw geweld op zeker 64 doden gevallen en honderden gewonden. In sommige schattingen komt het aantal doden van deze week al boven de 100.
De anti-regeringsbetogers zijn nog steeds op het Onafhankelijkheidsplein; ze lijken wat terrein terug te winnen op de politiemacht. De agenten die ze eerder gevangen hadden genomen, mogen als ze dat willen het Maidan-plein verlaten, zo meldt de BBC.
Ook buiten de hoofdstad Kiev is het onrustig. Zo zouden anti-regeringsbetogers in de stad Zhytomyr een standbeeld van Lenin hebben omgetrokken. In de stad Lviv is een politiebureau aangevallen. Daarbij zijn twee leden van een speciale eenheid omgekomen.
Nog geen 'routekaart'
Volgens Fabius is er nog geen definitieve beslissing over de 'routekaart' die een einde moet maken aan de crisis in Oekraïne. Eerder meldde de Poolse premier Donald Tusk wel dat Janoekovitsj nog dit jaar vervroegde presidents- en parlementsverkiezingen zou willen houden.
In de gesprekken met de Europese ministers zou de Oekraïense president ook bereidheid hebben getoond tot een "regering van nationale eenheid binnen 10 dagen en veranderingen aan de grondwet voor de zomer", aldus Tusk.
Biden belt Janoekovitsj
Ook de Verenigde Staten hebben gisteren opnieuw de druk opgevoerd op Janoekovitsj. Vice-president Joe Biden heeft Kiev gebeld en onmiddellijke terugtrekking geëist van "politie, scherpschutters, militairen, paramilitairen en andere krachten". Het Witte Huis heeft dit bevestigd. De VS zal zonodig sancties opleggen, zo heeft Biden tegen Janoekovitsj gezegd.
Parlement eist einde politiegeweld
Het Oekraïense parlement besliste eerder op de avond bijna unaniem tot de stopzetting van de "anti-terreuractie" in het land, zo was live op televisiezenders te zien. Alle eenheden moesten naar hun kazerne terugkeren. Bovendien verboden de parlementsleden vrijwel unaniem het inzetten van vuurwapens.
De gestemde resolutie riep ook op alle opgepakte personen vrij te laten en de politie te verbieden wegen te blokkeren. Na de stemming zongen de volksafgevaardigden het nationale volkslied. Er waren 238 van de 450 verkozenen des volks aanwezig.
Europese Sancties
De Europese Unie zal strafmaatregelen nemen tegen personen die verantwoordelijk zijn voor het geweld in Oekraïne. Dat hebben de EU-ministers van Buitenlandse Zaken gisteren in Brussel besloten tijdens spoedberaad.
De ministers stellen de sancties in wegens de grove schending van mensenrechten en gewelddadigheden in Oekraïne, zo lichtte minister Frans Timmermans na afloop van het overleg toe. "Europa kan niet zwijgen bij deze slachting die aan de gang is in Oekraïne. Het is een duidelijk signaal dat je je niet ongestraft kunt misdragen", luidde het
De ministers besloten tot een inreisverbod voor de verantwoordelijken van het geweld. Ook worden de tegoeden in de EU van deze personen bevroren. Voor wie de sancties precies gaan gelden, is nog niet duidelijk.
De ministers besloten niet tot een wapenembargo. Maar er komt wel een verbod op het exporteren van spullen die gebruikt kunnen worden om protesten neer te slaan, zoals bijvoorbeeld wapenstokken.