Sri Lanka weigert VN-onderzoek naar oorlogsmisdaden
Sri Lanka heeft een VN-onderzoek naar vermoedelijke schendingen van de mensenrechten op het einde van de burgeroorlog geweigerd. De Verenigde Naties willen het resultaat van het onderzoek van Sri Lanka zelf niet erkennen, verklaarde de regering in Colombo vandaag.
"De VN is bevooroordeeld, te vergelijken met ongewettigde bemoeienissen in interne aangelegenheden van een soevereine staat." Gisteren had VN-commissaris Navi Pillay in een ontwerp voor de Mensenrechtenraad verklaard dat het intern onderzoek een maat voor niets was. De regering in Colombo zei dat Pillay een "geplande, gepolitiseerde en vooringenomen agenda" tegenover Sri Lanka volgt.
De Mensenrechtenraad had al twee keer bij Sri Lanka aangedrongen op een onderzoek van de burgeroorlog. Volgende maand komt de Raad weer samen. Verwacht wordt dat de Verenigde Staten een resolutie indienen, waarin een internationale aanpak wordt gevorderd.
"Burgers en ziekenhuizen gebombardeerd"
Het Sri Lankaanse leger had in 2009 de rebellenorganisatie LTTE ("Bevrijdingstijgers van Tamil Eelam") verslagen, die in het noorden van het eiland een eigen staat wilden oprichten. In de eindfase van het conflict zouden naar schatting 40.000 burgers zijn gedood in het noorden en oosten van het eiland. Mensenrechtenactivisten beschuldigen de regeringstroepen ervan daarbij burgers en ziekenhuizen te hebben gebombardeerd. De LTTE van haar kant zou kindsoldaten hebben gerekruteerd en burgers als menselijke schilden hebben misbruikt.
De Sri Lankaanse regering had een verzoeningscommissie opgericht maar slaagde er niet in de internationale gemeenschap te overtuigen dat het de schendingen van de mensenrechten op een grondige manier zou onderzoeken.