Syrië: "Saoedi's die inval doen keren terug in doodskist"
Syrië zal elke inval in zijn territorium beschouwen als een oorlogsdaad. Dat heeft de Syrische minister van Buitenlandse Zaken, Walid al-Moualem, vandaag gezegd. Hij reageerde daarmee op de Saoedische aankondiging dat Riyad bereid is grondtroepen naar Syrië te sturen.
"Elke inval op Syrisch land zonder toestemming van de Syrische regering is een oorlogsdaad. En het spijt ons dat diegenen (die invallen) naar hun land zullen terugkeren in doodskisten'', zei Moualem. Hij herhaalde die zin maar liefst drie keer.
Volgens de minister is een staakt-het-vuren vrijwel onmogelijk zolang de grenzen naar Turkije en Jordanië nog open zijn en zolang er geen akkoord is over een lijst met terreurgroeperingen die in Syrië opereren.
Niets is onmogelijk
Hij zei met zijn uitspraak zijn Russische ambtsgenoot Sergei Lavrov te citeren. Rebellengroeperingen die de Syrische president Bashar al-Assad bestrijden, worden bevoorraad via Turkije en Jordanië. Volgens Al-Moualem is het onwaarschijnlijk dat Saoedische troepen het land binnen zouden vallen, maar "bij de gekke Saoedische leiders is niets onmogelijk."
Zijn uitspraken komen aan het eind van een week waarin de VN tevergeefs probeerde om vredesbesprekingen te realiseren tussen de Syrische regering en de tegenstander. De besprekingen mislukten met name vanwege de acties van de Syrische regering, waaronder een aanval op Aleppo. Die aanval werd gesteund door Rusland.
Samenzwering
Volgens Al-Moualem betekent de toenaderingspoging dat de inmiddels vijf jaar durende oorlog in Syrië op z'n einde loopt, hoewel hij ook meldde niet te weten hoe lang "zij die samenzweren" daar nog mee doorgaan. "Ik kan zeggen, vanuit de successen van ons leger, dat we nu weer op de goede weg zijn om het conflict te beëindigen", aldus Al-Moualem. "Of je het nu leuk vindt of niet, onze successen geven aan dat we op weg zijn naar het einde van de crisis."
De minister ontsloeg de vertegenwoordigers van de door de Saoedi's gesteunde oppositie in Genève, omdat hij meende dat zij orders opvolgden van Saoedi-Arabië en "geen echte Syriërs" waren. Volgens hem was de oppositie nooit echt van plan om serieus te onderhandelen. "Ze kwamen niet tot een dialoog, daar hadden ze geen opdracht toe", aldus Al-Moualem. De Syrische regering was daar volgens hem wel toe bereid, maar alleen zonder voorbehoud door de oppositie.