Tweede aanslag in Libië, in totaal meer dan 50 doden
Een autobom in het Libische oliestadje Ras Lanuf heeft zeven doden en elf gewonden veroorzaakt. Dat zegt een woordvoerder van de Petroleum Facilities Guard (PFG). Eerder vandaag kwamen zeker vijftig agenten om bij een aanslag bij het politiebureau in de Libische plaats Zlitan.
Dat was de meest dodelijke aanslag sinds de val van dictator Khaddafi. Bij die aanslag werd een vrachtwagen vol explosieven gebruikt. Zlitan ligt zo'n 150 kilometer ten oosten van de hoofdstad Tripoli.
In Zliten zetelt een zelf uitgeroepen regering. Die meldt vijftig doden en 127 gewonden, maar een lokaal ziekenhuis meldt al 65 doden. Zeker honderd mensen zijn gewond geraakt. De autobom ging af terwijl vierhonderd agenten zich verzamelden op het politiebureau, aldus burgemeester Hamadi. "Het was verschrikkelijk, de explosie was kilometers verder te horen. Alle slachtoffers waren jong."
De lokale pers spreekt over een zelfmoordaanslag. De aanslag is nog niet opgeëist, maar is vermoedelijk het werk van het plaatselijke filiaal van de terreurgroepen Islamitische Staat (IS) of al-Qaida.
IS controleert in het woelige Libië post-Kadhafi een brede kuststrook van het land, rond de stad Sirte. Maar Zliten ligt ongeveer 160 kilometer ten oosten van de hoofdstad Tripoli en staat niet bekend als jihadistenbolwerk. Toch gaat de verdenking uit naar IS omdat de aanslag wel het stempel van de jihadbeweging draagt.
Sinds de door de Navo gesteunde "volksopstand" en de val van Kadhafi gaat het in het Noord-Afrikaanse land van kwaad naar erger. Libië telt momenteel twee regeringen en parlementen. Die hebben in december onder VN-bemiddeling besloten een regering van nationale eenheid te vormen, maar daar is in de praktijk nog niets van in huis gekomen. Vraag is overigens of zo'n regering de rust in het talrijke milities en jihadi's tellende land kan doen weerkeren.