VN bereikt geen eensgezindheid over Syrië
De Veiligheidsraad heeft geen gezamenlijk standpunt over de toestand in Syrië kunnen bereiken. Rusland en China zouden een veroordeling van de harde repressie verhinderen.
De vijftien leden van de VN-raad waren bijeengekomen naar aanleiding van het harde optreden van het Syrische leger tegen demonstranten, onder meer in de stad Deraa. Volgens de Syrische oppositie zijn daar de afgelopen dagen tientallen doden gevallen. In heel Syrië zouden al minstens 450 betogers zijn omgekomen.
Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland en Portugal hadden een ontwerpverklaring opgesteld, waarin het geweld van het Syrische regime werd veroordeeld. Ook riep de tekst op tot een onafhankelijk onderzoek. Over sancties werd nog niet gesproken. De verklaring zou echter zijn geblokkeerd door Rusland en China.
Volgens Rusland is het onderdrukken van de Syrische volksopstand geen bedreiging voor de internationale vrede en veiligheid. Buitenlandse bemoeienis daarentegen "leidt tot een oneindige cirkel van geweld", aldus de tweede man van Rusland bij de VN, Aleksandr Pankin.
Vanwege de harde hand ontstaat ook in eigen kring verzet tegen de Syrische president Bashar al-Assad. In Deraa en omstreken stapten vandaag meer dan tweehonderd mensen uit de regerende Baathpartij. In Banias, een andere stad waar veel wordt gedemonstreerd, zegden ongeveer dertig mensen hun partijlidmaatschap op. Voor de periode van protesten zou dat ondenkbaar zijn geweest.
Een ander orgaan van de VN, de Mensenrechtenraad, komt vrijdag bijeen. "We verwachten dat de raad de Syrische regering zal oproepen om haar verplichting de burgers te beschermen na te komen en de aanvallen te stoppen", zei de Amerikaanse gezant Eileen Donahoe.
Ook de Europese Unie buigt zich vrijdag over eventuele strafmaatregelen tegen Syrië. Ambtenaren van de 27 lidstaten vergaderen dan in Brussel over een Europese reactie op de politieke ontwikkelingen in het Arabische land. Enkele Europese landen hebben hun Syrische ambassadeur op het matje geroepen vanwege het geweld tegen burgers in Syrië. Onder die landen zijn Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland. (anp/adha)