VN en AZG luiden weer alarmbel over Oost-Congo
VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon en de ngo Artsen Zonder Grenzen (AZG) hebben vandaag weer aan de alarmbel getrokken over hernieuwd geweld in het oosten van de Democratische Republiek Congo.
Ban had het op een vergadering van Afrikaanse regeringsleiders in de marge van de Algemene Vergadering van de VN over een nieuwe golf van geweld op en verkrachtingen van burgers in Oost-Congo door rebellen van de M23-beweging. De door Rwanda gesteunde rebellen van de Beweging van 23 Maart, deserteurs uit het Congolese leger, maken zich schuldig aan "ernstige mensenrechtenschendingen", aldus Ban.
In een vandaag verspreid communiqué meldt AZG dat het geweld weer is opgelaaid in de provincie Noord-Kivu. Het stadje Pinga is grotendeels leeg, twee derde van de inwoners zijn op de vlucht geslagen voor het geweld, inclusief medisch personeel van de overheid en zelfs sommige Congolese hulpverleners die in dienst zijn van AZG, aldus de ngo.
De meeste mensen verschuilen zich in het bos, terwijl hun huizen geplunderd worden en angst het gebied regeert. Dit betekent dat zij geen toegang hebben tot medische zorg, schrijft AZG.
Het wijdverspreide geweld in Noord-Kivu heeft al tot massale vluchtelingenstromen geleid. De humanitaire nood in het gebied is hoog.