VS voerde 9 luchtaanvallen uit bij dam in Irak
De Verenigde staten hebben gisteren negen luchtaanvallen uitgevoerd op doelwitten vlakbij Erbil en de Mosul-dam. Dat heeft het Pentagon zaterdag bevestigd, nadat eerder op de dag al Koerdische strijders melding hadden gemaakt van deze aanvallen.
De aanvallen waren gericht tegen militaire voorzieningen van de Islamitische Staat (IS). Er werden vier bepantserde gevechtsvoertuigen voor troepentransport, zeven bewapende voertuigen, twee humvees en een pantservoertuig vernietigd of beschadigd, zo meldt het Amerikaanse ministerie van Defensie.
"Het Central Command voerde deze aanvallen uit om de humanitaire inspanningen in Irak te ondersteunen en om het personeel en de voorzieningen van de VS te beschermen", zo luidt het.
Met die aanvallen zorgden de VS ook voor de ondersteuning van de Koerdische troepen die gisteren een offensief gelanceerd hadden om de grootste stuwdam in Irak te heroveren op de terreurmilitie Islamitische Staat.
"Oostzijde heroverd"
De Koerdische strijders hebben "met Amerikaanse luchtsteun de controle van de oostzijde van de dam veroverd", kondigde generaal Abdel Rahmane Korini zaterdag al aan. "We hebben verschillende leden van IS gedood." Volgens getuigen begonnen de luchtaanvallen tegen de jihadisten gisterenochtend vroeg. Het ging toen om de eerste poging van de Koerden om de dam te heroveren. Op 7 augustus werd die veroverd door IS-strijders.
Dam als wapen
De dam op de Tigris, op ongeveer 50 kilometer ten noorden van de gelijknamige stad, is van levensbelang voor de drinkwatervoorziening en levert elektriciteit aan het grootste deel van de regio. Ook is de dam onmisbaar voor de irrigatie van grote landbouwgebieden in de provincie Ninive.
De IS gebruikt veroverde dammen als een wapen. De strijders kunnen daarmee grote gebieden onder water zetten. Eerder hadden ze zo al grote zones rond Fallujah laten overstromen. De Mosul-dam is evenwel economisch van belang voor de IS.