Weer geweld tegen moslims in Myanmar
Woedende boeddhisten hebben in het straatarme Myanmar vandaag opnieuw islamitische landgenoten aangevallen. Ze vernielden in Kyaung Gone, ten noorden van de havenstad Yangon, minstens vijf woningen en verdreven hun inwoners. Dat deelde een ambtenaar van het stadsbestuur mee. Volgens de eerste berichten konden de bewoners ontkomen.
Aanleiding voor het nieuwe geweld waren geruchten dat een 14-jarig meisje door een moslim zou verkracht zijn. Een honderdtal boeddhisten trok dan naar een politiepost en eiste dat de verdachte werd uitgeleverd. "Toen we daar niet op ingingen, werden de mensen boos en vielen huizen van moslims aan", aldus de ambtenaar.
Enkele dagen geleden kwamen in de regio Rakhine in het westen van het land vier mensen bij gewelddadigheden tegen moslims om het leven. Sinds vorig jaar is het sektarisch geweld duidelijk toegenomen. De boeddhistische meerderheid kijkt argwanend naar de moslims, die al generaties lang in het land leven. Vorig jaar waren bij onlusten meer dan 160 mensen omgekomen en werden 140.000 moslims uit hun huizen verdreven.
Myanmar stond tot de lente van 2011 onder militaire heerschappij. De huidige regering streeft hervormingen na.