Borussia Dortmund eerste finalist ondanks waanzinnig slot in Bernabéu
Borussia Dortmund is vanavond met de schrik vrijgekomen in de Spaanse hoofdstad. Na een doldwaze slotfase, waarin Benzema (83ste minuut) en Sergio Ramos (88ste minuut) nog tot scoren kwamen, stranden Mourinho & co op één doelpuntje van de finale. Zo krijgen we op 25 mei met Dortmund en Bayern zo goed als zeker twee Duitse teams tegenover elkaar in de Champions League-finale op Wembley. Of doet Barcelona morgen toch wat Real niet lukte?
Heel wat wijzigingen bij Real met het oog op 'operación remontada'. Pepe, waarvan Mourinho nog smalend zei dat hij vorige week geen enkele overtreding maakte op Lewandowski, en Khedira hadden geen plaats in de basis, Di María wel. De Argentijn moest samen met Özil (deze keer centraal) en Ronaldo diepe spits Higuaín in stelling zien te brengen. Ook Modric bleef in de ploeg, al ging hij een rijtje lager postvatten. Essien speelde op rechtsachter, Ramos schoof centraal naast Varane. Bij Dortmund kregen we de vertrouwde namen aan de aftrap.
Higuaín, Ronaldo en Özil missen
De Koninklijke startte furieus. In geen tijd had Weidenfeller al moeten ingrijpen op pogingen van Higuaín en Ronaldo, en ook Özil weigerde de trekker te overhalen. De Duiste spelmaker besloot naast, en bovendien was Ronaldo misschien wel beter gepositioneerd om af te ronden. Al was de mogelijkheid die Lewandowski tussendoor voor de bezoekers kreeg zeker ook het vermelden waard. De Pool, vorige week nog goed voor vier treffers, kraakte echter zijn schot waardoor Lopez met de schrik vrijkwam.
En waar de bezoekers in de aanvangsfase ietwat zenuwachtig oogden, herstelden ze na 20 minuten het evenwicht. De jongens van Klopp speelden met lef en overtuiging, en zetten Ronaldo & co hoog vast. Zelfs het feit dat sterspeler Gotze al gauw de strijd moest staken (en Grosskreutz in de plaats kwam) leek de Borussen niet te deren. De aanvalsgolven van de thuisploeg gingen gaan liggen en Blaszczykowski kreeg op de counter nog een goede mogelijkheid, maar het bleef na een intensieve eerste periode bij 0-0.
Falende Lewandowski
Wie dacht dat Real stormachtig uit de kleedkamers zou gaan komen, had het bij het verkeerde eind. Integendeel zelfs, het was Lewandowski (jawel, hij die vorige keer vier keer de netten deed trillen) die twee reuzekansen verkwanselde. Eerst schoot hij onbesuisd over, terwijl hij nadien de dwarsligger op zijn baan vond. Madrid - een bleke Ronaldo incluis - was nergens, en het leek een kwestie van tijd voor wanneer de Duitsers het nekschot zouden toedienen. Gündogan was de volgende in de rij die gevaarlijk was, maar hij schoot de wenkende kans op een sterke Lopez, terwijl ook Lewandowski andermaal te lang talmde. Dortmund scoorde dus niet, en dat zorgde nog voor een prangende slotfase.
Invaller Benzema bracht terug wat spanning nadat hij werd bediend door Özil en Weidenfeller verschalkte, en wat later was de hoop pas helemaal terug. Twee minuten voor tijd vuurde Sergio Ramos raak in het dak van het doel. Verder dan de twee goals (en ondanks de vijf minuten blessuretijd) kwam de Koninklijke niet meer, waardoor het feest verschoof van de ene kant van de tribune naar de andere kant. Dortmund plaatst zich zo voor het eerst sinds de verloren UEFA Cup-finale tegen Feyenoord (2002) voor een Europese finale en brengt daarmee een Duitse Champions League-finale bijzonder dicht bij. Bayern München bindt morgen de strijd aan met FC Barcelona, maar start daarin wel met een riante uitgangspositie na een 4-0 in het eigen Allianz.