Vlaamse energiemarkt werd vorig jaar veel concurrentiëler
Een gemiddeld gezin kan nog steeds heel wat euro's besparen door voor de goedkoopste energieleverancier te kiezen. Maar dat profijt is kleiner geworden dan in de voorbije jaren, als gevolg van de gestegen concurrentie op de energiemarkt. Dat blijkt uit het marktrapport van de Vreg, de Vlaamse energieregulator.
Het verschil tussen de gemiddelde marktprijs en de laagste marktprijs is momenteel 128,58 euro voor aardgas en 66,77 euro voor elektriciteit. Zoveel kan een gemiddeld gezin op jaarbasis dus uitsparen door voor de goedkoopste contracten te kiezen.
Dat die kloof kleiner is geworden, is een gevolg van de gestegen concurrentie op de energiemarkt. Er zijn niet alleen veel meer leveranciers, klanten zijn in 2012 en begin 2013 ook massaal overgestapt naar andere leveranciers. "Een revolutie", aldus André Pictoel, gedelegeerd bestuurder van de Vreg.
Vast en variabel
Opvallend: voor het eerst zijn vaste energiecontracten goedkoper dan variabele energiecontracten, zowel voor elektriciteit als gas. Dat gaat in tegen het intuïtief aanvoelen dat contracten met een vaste prijs duurder moeten zijn, omdat de leverancier zich indekt tegen potentiëele prijsstijgingen. Dat vaste contacten toch voordeliger zijn, heeft volgens de Vreg te maken met de inkoopstrategie van de leveranciers. Overigens zijn ook contracten van onbepaalde duur goedkoper dan contracten van bepaalde duur.
Betekent dit dat de Vlaamse energiemarkt nu concurrentieel mag genoemd worden? Als dat wordt berekend volgens de HHI-index - een concentratie-index die aangeeft hoe concurrentieel een markt is - dan is dat bijna het geval, en meer voor aardgas dan voor elektriciteit. "Werkelijk concurrentieel zijn we volgens de index nog niet, maar we gaan er in hoog tempo naar toe", aldus Vreg-directeur Dirk Van Evercooren.