Waarom bestraling niet altijd helpt
Het is een vieze ziekte, kanker, een ziekte die vaak (gedeeltelijk) behandeld wordt met bestraling. Maar de behandeling slaat niet bij iedereen even goed aan, en wetenschappers denken nu te weten waarom.
Radiotherapie, ook wel bestraling, is een heel effectieve manier om kanker te bestrijden. Het doodt de tumorcellen en geeft het immuunsysteem zo een duwtje in de rug. Het effect heeft echter zijn limieten: sommige cellen weigeren koppig om af te sterven en zijn resistent tegen de behandeling. Sommige groeien na de bestraling zelfs uit tot nieuwe tumoren.
De reden waarom sommige cellen resistent blijken, heeft de wetenschap altijd met verstomming geslagen. Onderzoekers aan de universiteit van Manchester hebben nu echter de oorzaak gevonden, én een manier om het effect van bestraling te vergroten.
Volgens dokter Simon Dovedi ontwikkelen sommige cellen een soort van moleculair schild, dat hen beschermt tegen de bestraling. Het schild bestaat uit een proteïne- die de sexy naam PD-L1 meekreeg - die het lichaam doet geloven dat de kankercel niet gevaarlijk is.
De wetenschappers ontwikkelden nu een antistof die de proteïne kon blokkeren, waardoor het schild én de cel vernietigd werden door de bestraling. De techniek blijkt heel succesvol bij muizen, en ook de eerste menselijke proeven zijn veelbelovend. De artsen hopen het middel snel in de praktijk te brengen. "Dit maakt bestraling zoveel effectiever; het zijn opwindende ontdekkingen."