Scheepvaart naar Gent krijgt meer ademruimte: sluisbeperkingen ingetrokken
De scheepvaart op het Kanaal Gent-Terneuzen krijgt meer ademruimte: de tijdelijke stremtijden aan de sluizen in Terneuzen zijn ingetrokken, nu het waterpeil stabiliseert. De maximale diepgang voor schepen blijft wel beperkt tot 12,25 meter. Ook het hoge zoutgehalte blijft een probleem.
De beperkingen werden de voorbije weken ingevoerd door de aanhoudende droogte en het dalende waterpeil in het Kanaal Gent-Terneuzen. Om water in het kanaal te houden, konden schepen minder vaak door de sluizen varen.
Op 21 augustus werden de maatregelen al fors versoepeld. Aan de Nieuwe Sluis en Oostsluis gold nog een stremming van één uur voor en na laagwater. De Westsluis bleef gesloten en pompen moesten het kritieke waterpeil behouden.
Nu verdwijnen ook die resterende stremtijden. Volgens North Sea Port is het waterpeil nog altijd laag, maar stabiliseert het zich door de eerdere maatregelen en de weersomstandigheden.
Diepgang blijft beperkt
Helemaal normaal is de situatie nog niet. Schepen mogen voorlopig maximaal 12,25 meter diep liggen, tegenover 12,50 meter normaal. Dat beperkt vooral grote, zwaarbeladen zeeschepen.
Ook de verzilting blijft hoog. Ter hoogte van Sas van Gent schommelt het zoutgehalte volgens North Sea Port rond 9.900 milligram per liter, terwijl de streefwaarde 3.000 milligram per liter bedraagt.
De haven waarschuwt dat het kanaal de komende tijd beperkt toegankelijk kan blijven. North Sea Port overlegt met overheden en ministers om de toegankelijkheid zoveel mogelijk te garanderen.
Het Kanaal Gent-Terneuzen vormt via het sluizencomplex in Terneuzen de toegang vanaf de Westerschelde tot de Gentse haven. Beperkingen aan de sluizen en de toegelaten diepgang hebben daardoor rechtstreeks gevolgen voor de scheepvaart van en naar North Sea Port.